juli 2016

Vertrokken

VERTROKKEN

(klik op de foto en je ziet het hele plaatje)

“Vandaag is het zover schat”, zegt Hans op zondagochtend 3 juli. Ja, vandaag is het zover en voor het eerst voel ik voor 100% de positieve opwinding van ons vertrek. De laatste weken waren weken van ‘hurrie-up, want we moeten nog zoveel’. Dat gaf veel stress en vooral onvrede om de agendapunten die wegens tijdgebrek niet afgerond konden worden.

Vandaag zien we onze kinderen en andere dierbaren voorlopig voor het laatst tijdens onze afscheidsborrel bij de boot.

De zon schijnt, we zijn uitgeslapen en de wereld ligt voor ons open! Na het ontbijt vertrek ik nog even naar Roosendaal. Daar woont mijn 87-jarige moeder met veel ondersteuning nog steeds zelfstandig in haar ‘aanleun’-appartement. Bij het station koop ik een fraai en kleurig gevuld plantenbakje.
Ze zit in het restaurant en ziet direct dat ik het ben die de klapdeur opent. “Hé, ben je daar?”, vraagt ze overbodig. We kletsen wat en ze vraagt of ik al terug ben van de reis. Soms is ze namelijk even de tijd kwijt. “Nee mam, vandaag vertrekken we”, zeg ik met toch wel wat moeite. “Oh, is het vandaag. Nou dag dan!”, zegt ze met een lachend gezicht en vrijwel direct begint ze te huilen. “Het is niks hier, ik had hier nooit moeten komen. Oude bomen moet je niet verplaatsen zei de dokter nog. Ik vind het hier verschrikkelijk!”
Het is niet de eerste keer dat ze het zegt. Ik hoor het nu 10 jaar, maar terug naar Utrecht wil ze ook niet. Het is is haar uiting van heimwee en verdriet om de tijd die nooit weer zal terugkeren. De tijd die ze nog samen met mijn vader deelde. Niemand kan die leegte vullen. Ook Utrecht niet.
Dan neem ik afscheid en geef haar een heel dikke omhelzing. “Dag lieve mam!!”, zeg ik kranig. “Ik zal je bellen hoor!”, beloof ik. Dan loop ik terug naar de klapdeuren en kijk nog eens om. Haar hoofd ligt in haar armen die steunen op de tafel. Ze snikt en haar schouders snikken mee. Er loopt een kok naar haar toe die twijfelend een hand naar haar uitsteekt om de hand dan toch maar niet op haar schouder te leggen. Hij kijkt wat hulpeloos om zich. Ik loop door. Teruggaan heeft geen zin. Dat zal het afscheid langer laten duren en nog moeilijker maken. Ik kijk en loop terug naar mijn auto. Dag lieve mam, dag-dag en wat vind ik het rot voor je!! Heus!!nog even naar Roosendaal.

De afscheidsborrel is fantastisch waar we zeker met nog heel veel plezier aan terug zullen denken. Natuurlijk missen we daar de vrienden die ver weg wonen. Deze hebben we de afgelopen maanden tijdens ‘Tour-de Traan’ bezocht. De trossen gaan los, nog snel even wat foto’s maken en dan zijn we de haven uit. Het is gebeurd. Het vertrek is een feit. Ondanks alle geroep en getoeter, zijn we er toch even stil van!

Het is de laatste dag dat we nog in Nederland zijn en we beseffen het maar half dat we nu niet vier weken, maar langer weg zijn uit dit mooie, in alle opzichten afwisselende land. We passeren Veere en verlaten Vlissingen.

Langzaam openen de sluisdeuren zich en wordt de wereld die we de komende maanden en jaren gaan ontdekken langzaam zichtbaar. Een terugkeren lijkt onmogelijk nu de weidsheid van de zee zich voor ons openbaart. De zee lijkt kil en grijs, maar toch ook weer vriendelijk, omdat grote schuimkoppen zich nog schuil houden.

In Breskens struinen we nog even langs de schappen van de boekhandel, op zoek naar de laatste editie van Zeilen. JA!! Ze hebben er nog één!! Zonder te kijken waar de artikelen over gaan, lopen we met het dikke nummer 7 naar de kassa om af te rekenen. Zo, die is van ons! Wanneer we weer ergens in een haventje liggen, gaan we nummer 7 verslinden. Nu eerst de trossen los om naar Oostende te zeilen. Het is guur weer en de buien zijn in gevecht met de zon die ook vandaag alweer de moed opgeeft. De wollen mutsen gaan op en de kragen omhoog. We zeilen met windje 5-6 en hebben gelukkig de stroom mee. De zee lijkt een satijnen laken waaronder een blower de lucht verplaatst. Een ondoordringbare massa, een soort van gelei ook. Je kunt er uren naar kijken. Dirk en Chris, onze trouwe zeilvrienden varen een stukje met ons mee. Bij Blankenbergen begin ik te gapen en voel een flauwe honger opkomen. De beginverschijnselen van zeeziekte. Altijd hier op die vervelende hoek waar stromingen elkaar tegenkomen. “Lief, laat mij even sturen: ik voel met niet lekker!”, zeg ik tegen Hans. “Oké”, zegt Hans, die het verschijnsel inmiddels al kent. Achter het roer staan helpt. Ik voel de deining aankomen en kan daar op anticiperen. Ik heb de controle en speur de horizon af naar ‘gevaarlijke objecten’, zoals de AIS het aangeeft. Mijn romp houd ik stil en mijn benen gaan met de bewegingen van het schip mee. Wanneer je niet beter zou weten, zou je denken dat ik op een trekpop wil lijken. Het gapen verdwijnt en de flauwe honger maakt ruimte voor zin in koffie. Dan meldt Dirk zich via de marifoon: ze nemen afscheid en wensen ons een mooie reis…

 

Na Oostende volgt een overnachting in de haven van Duinkerken. Daar besluiten we een dag te blijven en de volgende nacht door te varen naar “We zien wel tot hoe ver, maar Boulogne moet lukken”, zegt Hans die ‘het weer’ met het fantastische programma Zygrib heeft uitgevlooid. Heerlijk als er geen tijdsdruk is en je zomaar kunt gaan wanneer de wind en stroming gunstig is en je zin hebt om weer andere kusten te ontdekken. Hans klust wat aan boord en ik verzamel het eerste teiltje wasgoed en mijn douchespullen bij elkaar. Met de tassen en wat muntstukken loop ik naar het sanitairblok. Warempel ze hebben een wasmachine! En een droger! Na wat franse teksten lezen en vooral plaatjes herkennen hoe het apparaat werkt, stel ik het apparaat in en druk op de startknop. Daar zie ik dat het programma 35 minuten duurt! 35 minuten voor 4 euro? 35 minuten voor een witte was van 60 graden? Nah! Niet schoon toch fris, zullen we maar denken. Op de Franse slag dus. Terwijl de was draait neem ik een douche en na 4 minuten kom ik tot de ontdekking dat het warme water op is. Daar sta ik dan met een hoofd en een oksel vol schuim! 2 euro voor 4 minuten douchen! Geërgerd spoel ik mijn haren onder een fonteintje uit en droog m’n natte lijf. Gaat dit zo vier jaar lang? GGrrr… Ik stap uit het douchehokje en plotseling beginnen de muren te bewegen en de vloer zakt onder me vandaan. Ik voel me een bananenschil die uit het autoraam wordt gesmeten! Net op tijd grijp ik de rand van de wastafel en kan een pijnlijke val voorkomen. De vloer glimt: van het douchenat en van het gepolijste marmer. Ik zucht. Wie had nu beter moeten opletten? De architect of ik?

In Zeilen lezen we het artikel van Clemens Kok en zijn er erg mee in onze sas: het is immers precies het gebied waar we naar toe willen. Richting Brest, om van daaruit de Golf van Biskaje over te steken naar A Coruna. De volgende dag zetten we koers naar Boulogne. Er is te weinig wind en na twee uur moteren hebben we een sik van het monotone geronk. Bij Calais krijgt Hans een ingeving: “We gaan naar Dover! Die wind is gunstig en ik heb alweer genoeg gezien van Frankrijk!” Ik vind het prima en na minder dan een minuut gaan we overstag. England: here-we-come!

We hebben een strakke koers uitgezet en zeilen scherp aan de wind. Delete-Alt-Controle ‘Overstag’. Voorlopig heerlijk ‘recht-zoals-die-gaat’. Wel zo handig hier op de shippinglane! (*). De tocht voert ons over een ruwe zee met golven van maar liefst vier meter hoog. Isabella duikt voorover in het zoute nat, schuim bruist langs de boeg en spat over de reling op mijn zeiljack uiteen. Dan rijst ze als een statige walvis in tuturok weer omhoog om opnieuw met een zware zucht met haar boeg in de golven te verdwijnen. Heerlijk! Ik voel me een soort van zeebonk uit de vergeten serie “The Onedin-Line”. Of ben ik de matroos op het marine-fregat die ik toen weigerde te willen zijn en daar nu wel eens spijt van heb? De wind neemt toe en we zien op een metertje 35 knopen voorbij flitsen. Ik sta aan het roer en geniet! Dit is de zee, dit is het water dat niet te sturen is, die je hier en daar met sluizen en dammen kunt temmen misschien, maar altijd onvoorspelbaar woest, vriendelijk of lieflijk zal zijn. We houden van de zee.

In Dover zoeken we ‘onze’ oude Pub weer op: The Eight Bells, en we bestellen weer zo’n overheerlijke Fish & Chips met een grote Pint! Dat het havengeld duur is vergeten we voor het gemak maar even. Nu is het tijd om te genieten en te filosoferen welke route langs de Engelse Zuidkust zullen nemen. We gaan het zien…

Na nog een dagje Dover komt Hans op het idee om de volgende twee dagen door te varen, inclusief de nacht. Tenslotte moeten we die ervaring ook eens opdoen, wil je iets verder komen op deze aardbol. Ik beaam het. “Zeker ja, helemaal goed plan!!”, zeg ik overtuigend.

We stomen door en varen als het al schemerig is vlak voor Brighton. Heel even probeer ik nog iets gezelligs te verzinnen over Brighton en zeg tegen Hans dat het toch wel een heel leuk authentiek Engels badplaatsje is. “Schat!! We gaan nog naar heel veel authentieke badplaatsjes!”, werpt Hans tegen. Oké dan. We varen door! Om elf uur ’s avonds zegt Hans dat ik kan kan slapen en hij de wacht houdt. We spreken geen tijd af voor hoelang. We zien wel. Binnen no-time lig ik in de salon op de bank onder een fleecedekentje te knorren. Natuurlijk met het slingerzeiltje op, want de zee gaat goed tekeer! Na 2 uurtjes word ik wakker van de slagen die Isabella in de zee stampt. Inmiddels is het aardig donker buiten en zijn er alleen nog maar lichtjes in de verte te zien. Soms komen die lichtjes in een sneltreinvaart op ons af. Hemeltje: we zitten precies in de Ferry-lane! “Ga eens eens iets naar rechts”, zegt Hans wanneer ik eenmaal het roer heb overgenomen. Oké, tikkie naar rechts. De ferry komt nog dichterbij en het lijkt wel een reuzen krab versierd met geleurde lampjes. “Alles onder controle?”, vraagt Hans, en nog eens: ”Heb je ‘em?”. En na een “Jazeker”, neemt hij mijn nog warme plekje op de bank in beslag. Ik zie nog net een grijs plukje haar onder de rode fleece vandaan komen. Die knort. Dus zo is het om wacht te lopen op zee… Heel apart, zo donker en ook weer niet. Lichtjes die ver weg lijken te staan en in werkelijkheid dichtbij zijn, of andersom. Het is maar net hoe groot ze zijn. De zeilen hebben we ingerold. Geen doen, zo’n eerste nacht op zee en dan ook de zeilen uit. Zeker met die harde wind niet. De motor brult z’n monotone geluid weer. Ik probeer er een deuntje in te herkennen, maar dat lukt me niet. Dan opeens verandert het monotone geluid in een zachter gebrom, en nog zachter en nog zachter!! En dan opeens stopt het gevaarte er mee!! Help!! Net nu ik wacht heb!

Als door een wesp gestoken springt Hans op van de bank en staat naast me. “Waar heb je aangezeten?”, vraagt hij, omdat de motor het immers altijd doet. En wanneer ik ontken ergens schuld aan te hebben, begint zijn zorg nog meer te stijgen. Binnen de minuut na het slapen zegt hij: “Oké, we rollen direct de Genua uit”, besluit Hans snel. Ik volg zijn instructies op en ondertussen bedenken we samen waarom de motor het opgeeft. In Nederland nog diesel getankt, voor het eerst geen filter gebruikt. Pomphouder die te laat bedacht dat de pomp eigenlijk te leeg was om nog te gebruiken. Dus mogelijk ook water en andere prut getankt? Hebben we nu een vuile filter? We weten het niet. Ondertussen komen we tot de conclusie dat de wind en de stroming niet gunstig zijn om te zeilen en lijkt hiermee de nacht nog donkerder te worden dan hij al is. We drijven af en komen ongemakkelijk dicht in de buurt van een groot baggerschip. ‘Gaat het zo, als er averij op komst is?’, vraag ik me af. ‘Nah, dat maken we dan ook eens mee’, bedenk ik me.
Hans kruipt onder de trap naar de motor. Hij zet een schakelaar om en vraagt mij om de motor nog eens te starten. Die reageert als voorgaande keren: ze ronkt als een zonnetje! “Wat heb je gedaan??”, roep ik naar Hans. Hij legt uit dat hij een T-schakelaar heeft omgezet. Dit gebruik je wanneer je vermoedt of weet dat de dieselfilter verstopt zit. Je zet dan de schakelaar om naar een tweede dieselfilter. Hans heeft het euvel gevonden, maar meer nog dan dat, is hij op zoek naar de oorzaak waarom het filter niet meer werkte. Dit gaat hij in de eerst volgende haven onderzoeken. Nu eerst maar eens verder met knorren. “Heb je hem weer?”, vraagt Hans als een echte kapitein. “Ja, ik heb hem!”, zeg ik en gniffel, omdat ik nooit gedacht heb dat ik dit nog eens een keer zou zeggen! 🙂

Nu op naar het eiland Wight.

 

*(Shippinglane is de ‘snelweg op zee’ voor vrachtschepen).

Zeewier in de wok

ZEEWIER IN DE WOK: vegetarisch
Recept Afdrukken
Terwijl Hans het anker ophaalt in het frisse heldere water van de baai bij St. Annaland, roept hij over zijn schouder: “Kijk: ons avondmaal!! Is dat niet lekker??” Enigszins bedenkelijk kijk ik naar de groene slierten die aan het anker geplakt zitten. Ieuww!! Dat meent ie toch niet echt? “Lekker toch?”, probeert Hans nog eens en ik zie dat hij het serieus meent. Nu is alles wat uit de natuur komt en groen is, tegenwoordig ‘Hot’ om op tafel te zetten en daar een goed glas wijn bij te schenken. Maar zeewier heb ik nog nooit gegeten, laat staan bereid. Hans plukt de toch prachtig heldergroene flappen van het anker en ik kom aangesneld met een vergiet. Hij legt de slierten en voorzichtig in. Oké dan, dat wordt even puzzelen hoe ik dat ga doen. Eerst maar eens goed het zand er af spoelen.
Porties Prep Tijd
2 15 minuten
Kook Tijd
15 minuten
Porties Prep Tijd
2 15 minuten
Kook Tijd
15 minuten
ZEEWIER IN DE WOK: vegetarisch
Recept Afdrukken
Terwijl Hans het anker ophaalt in het frisse heldere water van de baai bij St. Annaland, roept hij over zijn schouder: “Kijk: ons avondmaal!! Is dat niet lekker??” Enigszins bedenkelijk kijk ik naar de groene slierten die aan het anker geplakt zitten. Ieuww!! Dat meent ie toch niet echt? “Lekker toch?”, probeert Hans nog eens en ik zie dat hij het serieus meent. Nu is alles wat uit de natuur komt en groen is, tegenwoordig ‘Hot’ om op tafel te zetten en daar een goed glas wijn bij te schenken. Maar zeewier heb ik nog nooit gegeten, laat staan bereid. Hans plukt de toch prachtig heldergroene flappen van het anker en ik kom aangesneld met een vergiet. Hij legt de slierten en voorzichtig in. Oké dan, dat wordt even puzzelen hoe ik dat ga doen. Eerst maar eens goed het zand er af spoelen.
Porties Prep Tijd
2 15 minuten
Kook Tijd
15 minuten
Porties Prep Tijd
2 15 minuten
Kook Tijd
15 minuten
Ingrediënten
Porties:
Instructies
  1. Bereidingswijze: bereid de rijst volgens bekende wijze en als je die niet weet: lees het pak 🙂 spoel het zeewier schoon en laat het niet indrogen, aar wel uitlekken in de vergiet laat het blikje maïskorrels uitlekken snijdt de kaas in kleine blokjes, neem niet teveel, want dan overheerst de kaas snijdt de paprika’s, uien en knoflook ‘wokklaar’ klein scheutje rijstenolie in de wok verhitten voeg uien toe en fruit ze tot ze glanzen voeg de paprika’s en knoflook toe en wok alles een klein minuutje mee voeg de peper en 5-spices power toe de wokpan blijven husselen voeg tot slot de cashewnoten toe Inmiddels is de rijst klaar en je zeewier gerechtje nu ook.
  2. Helaas geen foto van het uiteindelijke resultaat: het was zó lekker dat ik dat ben vergeten 🙂 Het zeewier heeft een heel aparte zilte smaak. Een stuk minder zout dan bijvoorbeeld zeekraal, maar wel net even dat lekkere zilte smaakje. Lekker met een droog wit wijntje. Super! Eet smakelijk!!

Stoofvlees a la Hooimadam

STOOFVLEES A LA HOOIMADAM
Recept Afdrukken
van super nurse Liesbeth heb ik als afscheidscadeau een Hooimadam gekregen. Ze vindt dat ik er een beetje van weg heb 😉 Een Hooimadam is een soort van ouderwetse theemuts (UUHH.. vergelijking? 😉 ), maar dan voor pangerechten en is gemaakt van schapenwol. Liesbeth heeft hiervoor een oud Texeler dekbed van origineel schapenwol voor gebruikt. Heel slim! Wel natuurlijk met een aardig stofje bekleed. De bedoeling is dat je het gerecht kookt en een aantal minuutjes laat pruttelen, om het daarna in de Hooimadam voor enkele uren weg te zetten. Ideaal voor aan boord, want het bespaart ons veel gas! Voor stoofvlees geldt wel drie uur gas besparing!
Porties Prep Tijd
2 3 porties 30 min 3 1/2 uur
Kook Tijd
30 min
Porties Prep Tijd
2 3 porties 30 min 3 1/2 uur
Kook Tijd
30 min
STOOFVLEES A LA HOOIMADAM
Recept Afdrukken
van super nurse Liesbeth heb ik als afscheidscadeau een Hooimadam gekregen. Ze vindt dat ik er een beetje van weg heb 😉 Een Hooimadam is een soort van ouderwetse theemuts (UUHH.. vergelijking? 😉 ), maar dan voor pangerechten en is gemaakt van schapenwol. Liesbeth heeft hiervoor een oud Texeler dekbed van origineel schapenwol voor gebruikt. Heel slim! Wel natuurlijk met een aardig stofje bekleed. De bedoeling is dat je het gerecht kookt en een aantal minuutjes laat pruttelen, om het daarna in de Hooimadam voor enkele uren weg te zetten. Ideaal voor aan boord, want het bespaart ons veel gas! Voor stoofvlees geldt wel drie uur gas besparing!
Porties Prep Tijd
2 3 porties 30 min 3 1/2 uur
Kook Tijd
30 min
Porties Prep Tijd
2 3 porties 30 min 3 1/2 uur
Kook Tijd
30 min
Instructies
  1. Benodigdheden: Rundvlees in stukjes 500 gram 3 tenen knoflook 2 rode uien 2 selderie takjes Kruiden: peper, tijm, rozemarijn, 4 kruidnagels, 5 blaadjes laurier 1/2 blokje rundvlees bouillon van maggi 200 dl water flinke scheut rode wijn (100dl) (of 2 flinke scheuten 😀 ) rijstenolie en bakboter
  2. Werkwijze Wrijf het vlees in met de kruiden Doe een scheut rijstenolie en evenzoveel bakboter in de braadpan Braad de uien aan, voeg als ze glazig zijn het vlees toe en bak het aan tot het bruin is Voeg de knoflook toe en braad nog twee minuutjes door Voeg het 1/2 blokje rundvleesbouillon van maggi, de kruidnagelen en laurier toe Giet over het geheel de 200 dl water en de flinke scheut(en) wijn Laat het vlees 20 minuutjes sudderen en neem het daarna van het vuur af. Plaats de braadpan met deksel er op in de Hooimadam, sluit deze goed en zet het op een veilige plaats.
  3. Ga dan lekker iets voor jezelf doen. Shoppen of een goed boek lezen, of misschien wel mijn reisverhalen van vorig jaar of het jaar daarvoor (grapje). Maak na 3,5 uur de andere gerechten van je maaltijd klaar en open dan de Hooimadam. Haal de pan er uit en zet het terug op het vuur om het nog even op temperatuur te brengen. Klaar is Kees, of Marie of Jan of Joep, Louis, Frank, Wim, Koen 😀 Eet smakelijk!!

Tour de traan

FOTO’S: DE TEKST VERDWIJNT WANNEER JE OP DE FOTO KLIKT

“Wat is er schat?”, vraagt Hans als we allebei net onze ogen open hebben. Boven mijn hoofd zit het dakluik en zie ik de onderkant van de zonnepanelen op het achterdek. Ik voel me triest.

Met enige aarzeling of ik het wel zal zeggen – omdat het niet niks ik – waag ik toch de sprong: “Ik weet niet of ik nog wel wil”, antwoord ik bedeesd.

“WAT??”, roept Hans verbaasd. “Maar schat toch!? Meen je dat nou?”

“Ik ga het allemaal zo missen!!!”, zeg ik met een klein piepstemmetje. Mijn keel slaat dicht en er rollen tranen over mijn wangen, zo mijn oorschelp in. Dat kriebelt en ik voel dat het goed is dat ik het heb gezegd.

“Maar schat, dat hebben we allemaal. Alle vertrekkers twijfelen zo vlak voor het vertrek. Daarom zeggen ze ook altijd: ‘Je moet gewoon gaan’, want als je eenmaal weg bent is die druk er af en het afscheid achter de rug. Het is heel normaal dat je twijfelt. Ik twijfel ook wel eens en vraag me wel eens af: ‘waar zijn we aan begonnen’. Maar denk eens aan al die mooie dingen die we gaan zien. Dat wil je toch wel?”

Ja, dat wil ik wel, maar samen met Maartje naar het concert van Coldplay was zo top! En naar de Bijenkorf is ook gezellig. En ik ben zo benieuwd hoe het met Roeland gaat en met zijn werk en zijn huisje. Met Nelleke die dit jaar afstudeert voor haar Masters Mensenrechten aan de Uni. Jeetje… Wij gaan verschillende culturen ontmoeten. Doen wij iets aan mensenrechten? Kunnen wij iets doen voor ‘de mens’? Ik vraag het me af… volgens mij zijn wij mensen juist grote vervuilers. En waar gaan we wonen als we terug komen?

Hans komt met een plan om deze zondagmiddag eens fijn te gaan wandelen. Even ontspannen in deze drukke tijd. Dat is een goed plan. Hans klimt uit bed en ik mijmer nog even door over de afgelopen periode. Hoe ik ons vertrek op mijn werk heb aangekondigd en alles daarna…

Natuurlijk was Agnes de eerste die het hoorde en kort daarna ook Kristel, Mark en Ingrid. Vier top collega’s waarmee ik super fijn heb samengewerkt. Dit is nu ongeveer een jaar geleden.

Na jarenlang selfsupporting te zijn geweest en het hebben van een prachtbaan, moest ik even op m’n achterhoofd krabben om deze mensen gedag te zeggen, een punt te zetten achter dit goede leven. De jaren van voorbereiding voor ons vertrek gingen dan ook niet vanzelf. Je hecht je aan mensen die je na aan het hart liggen. Mensen die van je houden, het goed met je voor hebben, je het allerbeste wensen en hopen dat je niet in 7 sloten tegelijk loopt. Vriendinnen, collega’s of wie dan ook. Je hecht je aan je werk. Je denkt dat je niet gemist kunt worden, dat het op je werk dan in de soep loopt. Je wordt je werk, je identificeert jezelf met je werk/functie. En dit lijkt mij juist toch ook weer killing voor je ouwe dag. Hoe vaak zie je niet bij pas gepensioneerden dat ze stuurloos zijn, niet meer weten wat ze zullen doen, niet weten wat ze fijn vinden om te doen, geen uidaging meer hebben en daardoor vaak stil blijven zitten? Dit zijn nog maar een paar afwegingen en telkens kwam ik tot de conclusie: ik wil bij mijn lief zijn. Ik wil samen met Hans een toch enigszins onbekende weg opstappen. Een waterweg zelfs! Zeilend over zeeën en oceanen, ontdekken we de kusten die we aan doen, de habits van de bevolking die er achter woont, leren we van elkaar en last but not least: we leren onszelf kennen. Soms door het krijgen van feedback, soms door reflectie, introspectie en keihard onze neuzen stoten, even door je lief een spiegel voorgehouden krijgen om daarna weer alles recht te schudden en wat wijzer weer door te gaan. Dit proces gaat nooit over, al word je honderd!

Bij de locatiemanager en andere collega’s kondig ik mijn vertrek aan. Dan komt Anita en zegt dat haar team graag afscheid van mij wil nemen. Dat raakt mij! Het betekent dat ik iets voor hen en de cliënten heb kunnen betekenen in het omgaan met het onbegrepen gedrag van deze cliënten. Ik kom graag afscheid nemen van al die toffe meiden die elke dag zo keihard hun best doen voor onze dementerende medelanders. Vanaf die dag begint mijn Tour de Traan.

 

Ik rij naar het Zeeuwse dorpje st. Maartensdijk waar het team al in de koffiekamer zit te wachten en ik getrakteerd word op koffie met cake. Het is gezellig en er komen allerlei vragen los over onze reis. “En wie is Hans dan eigenlijk?”, wordt er gevraagd. Ze krijgt bijval: iedereen wil Hans wel eens zien. Of ik geen fotootje heb? Tuurlijk en ik pak mijn iPhone en laat een foto van Hans zien. “Zóó!!! Die mag er wezen!!”, “Zó!! Daar wil ik ook wel mee op reis!!”, “Nou! Die ziet er goed uit!!”, en zo krijgt Hans, zonder dat hij het weet, er een aantal fans bij. Op tafel zie ik de hals van een fles wijn. De fles is bedolven onder een groot aantal kaarten die er aan hangen. Het geheel is een cadeau voor mij. Ik ben benieuwd wat er in de kaarten geschreven staat, maar besluit te wachten met lezen tot ik in de auto zit. Dan is het tijd om te vertrekken. Dag Janny, dag Ellie, dag Ineke, dag Anita, dag Jolanda, dag Coby, dag Bettina. Dag iedereen die ik hier niet noem, maar wel in mijn hoofd en hart zitten! Dag lieve, goeie meiden! Hou vol, werk met elkaar, hou je sterk!! Dag top meiden met jullie reuze zware baan!! Ik heb respect voor wat jullie doen!!

 

In Tholen lees ik de kaarten. Wat een prachtige wensen en mooie woorden. Hieronder een paar uitgelicht:

  • Hoi Elise, Wat spannend!!!!! En wat zullen we je gaan missen! Ik hoop je nog wel een keer te zien voordat je dit spannende avontuur gaat maken. We zullen je kundigheid missen en ik moet zeggen dat ik heeeel veel van je heb geleerd. Veel geluk saampjes :), liefs
  • Hallo Elise, Nou, dat is een hele onderneming zeg, maar ik denk dat het een mooie ervaring zal zijn voor jullie en hoop dat de reis antwoord mag geven op de vragen die er bij jou leven. Heel mooie reis toegewenst en het ga je goed! Wij hebben nooit veel contact met elkaar gehad maar vond je een aardige collega!
  • Bedankt voor de fijne samenwerking, ik zag je graag (en ik hoop je toch weer terug te zien :))
  • Hoi Elise, Wat ontzettend gaaf dat je dit gaat doen!!! Geweldig dat je ook de kans krijgt en de mogelijkheden hebt om dit te gaan doen! Ik hoop dat jullie een hele mooie, inspirerende ontdekkingsreis gaan maken, van de wereld en jezelf! Enne.. zeeziekte, daar zijn gelukkig pilletjes voor;) Ik zie je vast nog wel voordat je de trossen los gooit..!
  • Ik heb me ingeschreven voor de nieuwsbrief…GEWELDIG! Bofferd!
  • Lieve en dierbare collega, Let your dreams come true!!!
  • Lieve Elise, geniet van deze bijzondere gebeurtenis in je leven. Ik wens je een behouden vaart. Wat was het fijn om met jou samen te werken. Echt een mensenmens die dieper kijkt en voelt. Je ziet niet alleen de ziekte of problemen, maar je ziet de mens. Ik ga je missen! Tot ziens! Een lieve groet van…

++++

Ik slik en ben verbaasd. Heb ik zoveel mogen betekenen? Dat wist ik niet. Jeetje… en nu ga ik ze verlaten!! Beul die ik ben!! Ik ga ze missen, wat was het super gaaf om een stukje van dat team te mogen zijn. Wat was het gaaf om samen naar oplossingen te zoeken. Ja samen, want niemand in de zorg doet iets alleen. Je kunt niet zonder je collega’s!

 

Ik rij naar Sint Annaland. Ook daar staan teams te wachten om afscheid te nemen. Ik krijg een Zeeuwse vlag voor op de boot (is inmiddels gemonteerd), en een origineel Zeeuws halskettinkje met Zeeuws knoopje!! Wat vind ik dat enorm leuk!! De manager zorg komt met een prachtig boeket bloemen in haar handen afscheid nemen. Er wordt gedag gezegd en nog eens gezwaaid. Hanneke loopt met mij mee naar mijn auto en wuift tot ik de hoek om ben. Ik toeter nog eens en ben het dorpje alweer uit.

En zo volgen er nog meer momenten van afscheid nemen. Momenten waarbij wordt stilgestaan bij de afgelopen jaren, maar vooral wordt gesproken over wat de toekomst zal brengen. Het afscheid is warm en zoals ik al vaker heb gemerkt bij het verlaten van een werkgever: je weet pas wat je hebt (betekent) als je er afscheid van neemt.

 

“Jolanda, ik kom naar Anna Paulowna hoor! Even elkaar nog zien voor we vertrekken!”

Op een maandag rij ik naar mijn oude woonplaats waar Roeland, Maartje en Nelleke hun eerste voetstapjes hebben gezet. Waar ik ook mijn eerste kindje heb verloren, waar ik 19 jaar heb gewoond en een vriendin voor het leven heb gevonden. Het weerzien met Jolanda is heel vertrouwd. Zelfs na drie jaar elkaar niet gezien te hebben. We rijden naar Schagen om een bloemetje te brengen voor Mereltje. Er vloeien tranen om de tijd die was, het verdriet. We rijden naar den Helder, mijn oude woonplaats toen ik nog bij de Marine werkte. Ik zie de oude ziekenboeg en wijs naar het raam van het kantoor waar ik werkte. Herinneringen aan 35 jaar geleden komen naar boven en ik vertel over de vaccinaties die ik zette, de feestjes en de appeltaarten die ik bakte. Ik blijf maar praten en Jolanda luistert. We drinken een cappuccino bij Landsend en kijken naar Texel. Het eiland ‘van’ Jolanda en zij vertelt over haar voorbije jaren. Moeilijke jaren waarin we elkaar hebben gemist. Het is zo, maar weten van elkaar dat het altijd goed zal blijven. We rijden nog even langs mijn oude huis, het huis waar de kinderen nog in de zandbak hebben gespeeld. Waar ik ieder onkruidje geduldig tussen de tegels vandaan peuterde..

Dan is het tijd om door te rijden naar Oegstgeest. We nemen afscheid en ik treuzel nog wat. Dan stap ik in de auto: op naar Eric en Jacqueline, mijn vrienden waar ik altijd en immer, dag en nacht, een gehoor vond voor mijn vreugde, mijn treurnis en onzekerheden. Eric kookt en we smullen van onze Zuid-Afrikaanse biefstuk en andere lekkernijen! De wijn smaakt weer prima en de gesprekken zijn als vanouds heel vertrouwd en dierbaar. Het wordt laat en ik blijf slapen om de volgende dag door te rijden naar Roeland en Maartje. Gelukkig is dit nog geen afscheid en na een etentje buiten de deur, gaan we gezellig naar het strand met doggie-doggie Boef. Daar komen er weer tranen: wat doe ik mijn kinderen aan door te vertrekken?? Het is een vraag waarvan ik weet dat die ook regelmatig door Hans zijn hoofd speelt. En zo zullen er altijd vragen blijven en een antwoord krijg je pas wanneer je het gaat onderzoeken.

 

De weken vliegen voorbij en het concert van Coldplay staat voor de deur. Samen met Maartje rij ik naar Amsterdam ArenA en genieten we van een wervelende show!! Wat een schitterende muziek wat een super band!! “Hey dear”, zeg ik tegen Maartje, “Toen we in 2009 naar Coldplay gingen startte ik met de opleiding voor deze baan en nu we weer bij Coldplay zijn, stop ik met deze baan. Vreemd hé?” Maartje kijkt verwonderd: “Ja, vreemd”, zegt ze. We houden elkaar stevig vast.

Hans roept: “Kom je uit bed lieverd? Dan gaan we er een mooie dag van maken!” Ik glimlach, zie regendruppels op het dakluik uit elkaar spatten, kruip uit bed en roep vanuit de slaaphut dat ik er aan kom, niet wetende dat deze dag een mooi en leerzaam eind zal kennen.

Na wat klusjes vertrekken we naar België en toeren rond in Essen en Kalmthout. Prachtige bossen en schitterende huizen. Er staat er een te koop en we stoppen. Het is een cottage. Klein en knus met een enorme tuin vol met sparren, dennen , berken en varens. Zoiets moet het worden. Later als we terug zijn. Dromen blijft natuurlijk altijd leuk. We lopen een stukje verder en stoppen bij een klein cafeetje aan de rand van het bos. Trek in een biertje. Een echt Belgisch biertje. Het wordt een Leffe donker bruin.

We zijn nog de enige op het terras wanneer er twee krasse heren op leeftijd hun auto uitstappen en in onze richting lopen. De een zonder en de ander met rollator. Het weer is wisselvallig en ze overleggen of ze ook op het terras gaan zitten. “U komt ook uit Nederland?”, vraag ik en het lijkt voor de mannen het duwtje in de rug om voor het tafeltje naast ons te kiezen. Hans haakt aan en stelt de vraag of zij in België wonen. Er wordt bevestigend geknikt: “Al 22 jaar!”, zegt de ene man.

 

Er volgt een gezellige conversatie en we stellen ons aan elkaar voor. Frans verklapt zijn leeftijd: 79! Kees doet er een schepje bovenop: 87! Frans is in deze mogelijk baas boven baas: zijn oma is de oudste vrouw van Nederland geweest: 106 jaar! Dat belooft wat! De ogen van beide mannen verraden dat de geest nog erg jong is. Pientere en frisse ogen. Ook een beetje ondeugd lees ik er in en Frans vertelt over zijn opname onlangs in het ziekenhuis en de zuster die hij toch wel erg leuk vond. Dan switcht het gesprek over naar de huidige hypotheekrente en hoe fiscaaltechnisch eea in elkaar zit wanneer je in België woont. Beide mannen proberen er ons van te overtuigen dat het wonen in een bosrijk gebied, het mooiste is dat je kunt doen. En dan vertelt Frans ook de minder leuke kant daar van. Vrienden en familie wonen ver weg en ziet hij niet vaak. Ze bestellen opnieuw een whiskey en een Belgisch bier en vragen of wij ook iets willen drinken. Helaas is het voor ons tijd om op te stappen. We geven ons visitekaartje en schudden de handen. “Tot ziens!”, zeggen we tegen elkaar. We hopen dat we op die leeftijd ook nog zo vief zijn! In de auto praten we na over deze bijzondere ontmoeting en wat we hiervan hebben geleerd, namelijk dat je zoveel kunt leren van de ervaringen van de oudere mensen. Dat je daaruit het beste voor jezelf moet distilleren. Dat gaan we de komende jaren dus ook doen. Samen met Isabella blijven we actief en ontmoeten we vele mensen 🙂    Ja, dat wil ik wel! 🙂

Hans en Elise

(ondertussen crashte mijn laptop waardoor een aantal foto’s verloren zijn gegaan en de tijdsdruk opliep om een nog goed te regelen. Binnenkort plaats ik foto’s bij deze blog)

 

Translate »