september 2016

NASI

NASI
Recept Afdrukken
na een aantal dagen stuurloos op zee, waren we toe aan iets pittigs. Er lag nogal wat verse groente in de koelkast en groentebak, dus dat moest wel eerst op. Wat kan ik daarmee? vroeg ik me af. Wel... dat vraagstuk was sneller opgelost dan het probleem met de motor. Iedereen kan natuurlijk nasi maken 🙂 en doet dat op zijn/haar manier. Dit was op de Golf van Biskaje mijn manier
Porties Prep Tijd
2-3 15 minuten
Kook Tijd Passieve Tijd
30 minuten 1 uur
Porties Prep Tijd
2-3 15 minuten
Kook Tijd Passieve Tijd
30 minuten 1 uur
NASI
Recept Afdrukken
na een aantal dagen stuurloos op zee, waren we toe aan iets pittigs. Er lag nogal wat verse groente in de koelkast en groentebak, dus dat moest wel eerst op. Wat kan ik daarmee? vroeg ik me af. Wel... dat vraagstuk was sneller opgelost dan het probleem met de motor. Iedereen kan natuurlijk nasi maken 🙂 en doet dat op zijn/haar manier. Dit was op de Golf van Biskaje mijn manier
Porties Prep Tijd
2-3 15 minuten
Kook Tijd Passieve Tijd
30 minuten 1 uur
Porties Prep Tijd
2-3 15 minuten
Kook Tijd Passieve Tijd
30 minuten 1 uur
Ingrediënten
Porties:
Instructies
  1. snijd de kip in blokjes en voeg de ketjap toe. Laat dit een uur of langer in de koelkast staan Snijd en was de groeten, voor zover je wassen nodig vindt. Gebruik de zeewaterkraan wanneer je op zee bent verhit de olie in de wok voeg de gesneden uien toe voeg de kip, five spices, sambal, de knoflook en de kruidenmix toe goed wokken en husselen en niet te droog of te donker laten worden voeg daarna de gesneden wortelen toe en wacht even twee minuutjes voordat je de andere groente toevoegt voeg als laatste, wanneer de rijst al gaar is en toegevoegd kan worden, pas de broccoli toe voeg tot slot de gare rijst toe en klaar is kees
  2. Lekker erbij? gebakken omeletten in reepjes kleine augurkjes en zilveruitjes, Seroendeng satésaus pittige kroepoek, maar die hebben we niet aan boord 😀 EET SMAKELIJK!!
  3. Wil je ook eens een recept voor aan boord insturen? Dat kan! Schrijf je in voor mijn Blog en geef een reactie met daarin je recept (en foto's zijn ook welkom). Ik zal het dan samen met je naam opnemen in DE KOMBUIS. Of stuur je recept met foto naar vselise@gmail.com. Gewoon doen!

Heimwee

 

“Het bed is te kort”, zeg ik wanneer we net wakker zijn. “Te kort?”, vraagt Hans met opgetrokken wenkbrauwen.

“Ja, ik lig iedere keer met m’n voeten tegen de achterwand te drukken”, antwoord ik.
“Dan kun je toch meer naar het midden gaan liggen?”
“Nee, dat ligt niet lekker. Dan lig ik in de sleuf tussen de matrassen”
“En schuin?”, poogt Hans nog eens.
“Nee, ook niet. Dan lig ik met mijn hoofd klem. Ik wil mijn eigen bed.” Vrijwel direct nadat ik dit zeg, besef ik dat ik mijn bed naar de kringloper heb gebracht en nu waarschijnlijk door een vreemde wordt bewoond. Hij of zij heeft er een goed bed aan: 180cm breed en 210cm lang: heerlijk!
“Je eigen bed?” Er klinkt iets meer door in Hans zijn stem dan alleen ongeloof. Hij vermoedt vast iets. “We gaan eruit schat! We gaan er een mooie dag van maken!”
Ik betwijfel of het een mooie dag zal worden. Honderd keer op een dag stoot ik mijn hoofd aan de ingang van de slaaphut of bij het pompen van de WC. En die noordkust van Spanje is overal hetzelfde: rotspartijen in grijze vochtige wolken omhuld.
Hans is al uit bed en zet zoals elke ochtend de radio aan. De Spaanse radio met Spaans geratel waar ik niets van snap. Geen idee waarover ze discussiëren, maar het gaat er nogal verhit aan toe daar op die Spaanse zender. Traag kruip ik uit bed en blijf op de rand zitten. Wat zal ik in vredesnaam gaan doen? Ik kijk om me heen en zie de kleine afscheidsgeschenkjes, zoals een gelukspoppetje en de klavertjes vier, aan het netje boven m’n kastje bungelen. Opeens slaat het toe: heimwee!!
Ik heb heimwee naar mijn kinderen, eigen bed, m’n trap, m’n schuifpui, m’n werk, m’n oude gedoetje, ja zelfs naar de Plus waar ze kaneelijs verkopen. Ik sleep me van de rand van het bed en loop gebukt naar de keuken om een andere radiozender te zoeken. Dit klinkt beter: Eros Ramazzotti met Tina Turner!
Bij het ontbijt kijkt Hans me aan. “Gaat het wel goed met mijn schatje?”, informeert hij voorzichtig. “Volgens mij heb je een beetje last van heimwee of niet?” Mijn keel schiet vol en slik. “Uhjj-aa”, komt er met een piepstemmetje uit.
Er volgt een lang gesprek over onze eerdere ervaringen met heimwee. Gelukkig begrijpt Hans mij. Al verandert het gevoel daar niet door, het helpt wel om er samen over te praten.

Hans bestudeert nog eens de route en komt met een aantal mooie voorstellen. De eerst komende 10 dagen liggen we her en der op schitterende ankerplekjes, belooft hij. 10 dagen! En hoe zit het dan met haren wassen en douchen? “Ach…. dat komt wel weer of je doet het hier in een bakje”, zegt hij laconiek. In een bakje? Ik ga toch echt m’n haren niet in een bakje wassen, bedenk ik me. Ik voel de jeuk al die daarna door het onvoldoende kunnen uitspoelen ontstaat! Ik zeg echter niets en knik begripvol. We zien wel. Het is nu niet bepaald het meest geschikte moment voor een onbenullige discussie.

We zetten koers naar mooie onbewoonde eilandjes van Noord Spanje: Islas Sisargas. Het zijn drie kleine, rotsachtige eilandjes bij elkaar waar alleen maar meeuwen wonen. De pilot  Atlantic Spain and Portugal waarschuwt de toerist om vooral niet in juni / juli te komen, omdat de meeuwen dan jongen hebben en erg agressief zijn: ze vallen je aan! Het is inmiddels augustus, dus zullen we daar geen hinder van ondervinden. Wel hebben we hinder van de swell. En hoe!!

https://youtu.be/yZxm95ckDaY

 

Wanneer we aankomen zien we een lege baai: geen schip te bekennen. Het ‘alleen-op-de-Wereld-gevoel’ maakt zich van ons meester: wat is het hier prachtig! Kraakhelder blauw water waar je tot op de bodem kunt kijken. En die is bodem is twaalf meter van de kiel verwijderd, zegt de dieptemeter. We varen langzaam dichter naar de kust en laten het anker vallen. Hier blijven we een nachtje! Het is zo apart en vredig om zonder andere schepen in de buurt, op je schip tussen twee eilandjes in voor anker te liggen! We voelen ons gezegend dat we dit mogen meemaken, al duurt het maar voor een uurtje, want dan blijkt dat ook andere zeilschepen dit idyllische plekje hebben gevonden. Bij het vallen van de avond liggen er vijf zeilschepen in dit prachtige ‘kommetje’.

 

 

De volgende dag kijken we naar buiten en zien dat de andere zeilschepen in een dikke mist zijn verpakt. Het koude, vochtige weer helpt niet mee aan het naar de achtergrond willen proppen van mijn heimwee. Liever zat ik nu bij mijn kinderen en houtkacheltje. Hans is een schat en blijft opgewekt en onvermoeid door met plannen maken. We pakken Dirk, onze dinghy, en varen naar de kant voor een lange wandeling en kijken uit op een van de mooiste plekjes op aarde. De mist blijft hangen en we zijn ‘veroordeeld’ tot een tweede nachtje Islas Sisargas. We liggen dus niet verwaaid, maar ‘vermist’ 😀 . Wanneer de dag daarna de mist nog steeds niet is opgetrokken besluiten we toch het anker op te halen. We zetten behalve de AIS ook de navigatielichten en de radar aan. We willen graag zien en gezien worden. Het is als met een bril op in een pan stomend water kijken: de glazen beslaan direct en je ziet niets! Geen referentiepunt te ontdekken! We volgen de rode lijn die op de plotter is uitgezet. Zo omzeilen we in ieder geval de vele rotsen die hier rondom de eilanden onder het water verborgen liggen. De tijd verstrijkt en de mist houdt aan. Wel een hele dag!

Dan is de ria van Camarinas in zicht! Vage contouren van de rotsachtige ingang laten zich zien. En opeens is daar ook de zon die de koude, vochtige mist verhit en doet verdwijnen. We gaan voor anker en de avond valt. Moe maar tevreden gaan we slapen en ik denk aan mijn bed bij de kringloper.
’s Nachts worden we wakker van de aanzwellende wind en checken nog eens extra het anker. We hebben 25 meter uit staan, dus dat moet voldoende zijn bij de diepte van 5 meter ankeren. Toch houdt het Hans almaar bezig en hij gaat een paar keer uit bed om te kijken. Dan worden we opeens wakker van een akelig geluid! Het lijkt wel gehuil! Gehuil van een zeehondje!
“Aahhh!!! Een huiler!!”, zeg ik tegen Hans die na 30 jaar Arubaan te zijn geweest niet weet waar ik het over heb. “Een huiler! Dat is een jong zeehondje die z’n moeder kwijt is!!”, zeg ik snel en sta in no-time naast het bed. Hans volgt en we gaan naar buiten.
De wind is heftig met hoge golfslag. De huiler horen we niet meer. Achjee… zou het zijn aangespoeld?
Dan horen we iemand roepen. Het is de Fransman die een stukje verderop ligt. Het lijkt alsof hij ons iets wil duidelijk maken. Maar wat??
“We krabben toch niet?”, vraagt Hans.
“Nee, kijk maar naar dat gebouw. Vanmiddag lagen we net zo ver als nu”, zeg ik en kijk nog eens om me heen.
“Klopt. Niks aan de hand”, zegt Hans.
De Fransman roept nog iets en Hans roept terug: “Yes!! Wi!! Merci!!”
“Wat zei hij dan?”, vraag ik.
“Geen idee, maar alles is in orde. Kom, we gaan slapen”.
De volgende ochtend is Hans als eerste op dek en roept: “Elise kom eens snel kijken!”
Ik verwacht een school dolfijnen te zien, maar mijn blik stuit tegen een muur van groen aan!! Op nog geen dertien meter afstand toont de wal zich in volle glorie en is het niet moeilijk om elk blaadje van de bomen te onderscheiden van de andere. “Zou die Fransman dan gezien hebben dat we aan het krabben waren?”, vraagt Hans.
“Ik denk het. Oh!! Nu weet ik het! Het was geen zeehondje dat we hoorden, maar het was natuurlijk zijn scheepstoeter om ons wakker te maken! Dat is net zo’n geluid!”
“Krijg nou wat”, zegt Hans met een zucht.
We vertrekken snel voordat we nog verder vastlopen en halen het anker op. Dat gaat zwaar en wanneer het eindelijk boven water is, zien we dat er een rubberen duikpak vol met modder aan bungelt. Dit heeft er voor gezorgd dat we niet echt vast lagen in de grond en we met de stevige wind zijn afgedreven! Nog net op het nippertje van een akelige aanvaring met de wal gered!! Ppff…

 

Er volgen nog andere ankerplaatsen zoals in Myros, Aquino en Combarro. In Myros leggen we voor 1 nacht aan in de haven en kienen dit zo uit dat we eerst vlak voor de haven ankeren en de volgende ochtend binnenlopen. De dag erna vertrekken we om een uur of vijf en gaan 100 meter verder weer voor anker. Tja… sailerslife 🙂 Je moet natuurlijk zuinig met je contanten omgaan! Zeker in de haventjes waar we eindelijk ons beddengoed en de rest van de was door een sopje kunnen halen. Wat dit kost? 15 euro!! havengeld? Vanaf 29 euro begint het er op te lijken.. Nee, niet alleen daarom vinden we ankeren heerlijk hoor! We vinden het vooral heerlijk omdat we dan echt ‘los’ van andere schepen en drukte zijn. Het is zo rustig en zo knus!! In Myros kan Hans ook weer eens goed aan Isabella klussen. Te goed! De haak waarmee we onze ankerketting iets omhoog ‘hijsen’, zodat de ankerketting niet langs Isabella schuurt, valt in het water! Weg haak! Maar niet getreurd! Hans weet uiteraard weer raad en haalt de havenmeester erbij die kan duiken. In een zucht en een sch…t haalt de beste kerel de haak met touw weer naar boven! Niet voor niets natuurlijk! 😉

 

 

Het is in ria de Aldan waar we onze harten verliezen aan dit mooie stukje van Spanje. Hier is de natuur nog natuur gebleven en kun je nog spreken van een oud vissersplaatsje. Het is ook hier dat ik voor het eerst de zee in duik en het voelt fantastisch! Hans ligt op het strand naar mij te kijken, zwaait en steekt zijn duim op. Wat is het hier fantastisch mooi! Ja, hier wil ik / willen wij meer van proeven!

 

 

De Golf van Biskaje deel II

De wind nam halverwege de nacht aan en we zeilen weer. “Koers naar Viveiro!”, zegt Hans. “Daar is een haven met een lift. Ik wil Isabella uit het water hebben”, vervolgt hij.
De wind is gunstig en we zien aan de horizon al wat land opbollen: de rotskust van Spanje. Hij lijkt dichtbij, maar zal nog een dag zeilen zijn. Alles is oké, als we maar aankomen! En hoe we de haven binnenlopen zonder motor? Dat zien we dan wel.
Hans maakt ondertussen alvast landvasten in orde, zodat we gesleept kunnen worden.
Dichtbij de kust zien we op de AIS dat er een Nederlander in de haven ligt en we roepen hem via de marifoon op. Hij is bereid om de havenmeester alvast van onze komt in te lichten. Een sleepje geven wordt wat lastig. We turen de kustlijn af naar andere schepen en zien weer een schip. Na een korte uitleg wat er met ons aan de hand is twijfelt deze aardige Duitse meneer geen moment. Hij rolt zijn zeilen in, start zijn motor en komt naar ons toe terwijl we nog op zee zijn. Wat een zegen! Wat zijn we blij dat we hulp krijgen!! We binden de zeilboten aan elkaar vast en de Duitse meneer tuft richting de haven. Dat is in zo’n ria toch nog best een aardig eindje! De ria wordt smaller en we kijken uit naar de beloofde havenmeester. Hans roept hem nog eens op. Met een sneltreinvaart komt in zijn rubber speedboot Fernando aankrossen. “Ola!!”, roept hij en lacht ons vrolijk toe. Hans vertelt wat de problemen zijn en Fernando roept dat hij Alles repareert. Jee… wat een handige havenmeester?!
We liggen aan de steiger, veilig en wel. Er is maar één ding waar we aan denken en dat is slapen. We snurken de klok rond en de volgende dag regelt Hans direct een monteur en gaat Isabella de kant op. Het worden dagen van hard en snel werken, want de kosten zullen vast niet mals zijn.
Hans legt aan de monteur uit wat er is gebeurd: vuile diesel? en vertelt wat hij al heeft gerepareerd. In de manual van Volvo staat echter dat bepaalde sluitingen alleen door een erkend Volvo monteur mogen worden geopend. “Dus ja amigo: do your best!” De monteur kijkt, pakt een tang en schroeft bovenop de motor een van de vier aansluitingen van de verstuivers open. Er gebeurt niets. Dan de andere. Er komt een golfje diesel uit en daarna een spetter lucht. Zo ook bij de derde en bij de vierde weer niets. “Start de motor eens”, vraagt Hans. Ik start het gevaarte en WOW!! Hij doet het!! Jippie!! Wat was nu het probleem? Lucht! En tja, de manual geraadpleegd en opgevolgd… Oké, de volgende keer niet meer zo strikt de lettertjes nemen en gewoon zelf doen!

 

De volgende dag gaat Isabella op de kant en zien we een flinke beschadiging. De soort van spoiler die Hans in de winterstalling op de opening bij de boegschroef heeft gemonteerd blijkt half te zijn afgebroken. Het ziet er slecht uit. Ook dat moet gerepareerd worden. Ik verlang naar internet om de website bij te werken. Dat lukt maar half, want de WIFI is reeeeeete traag!! Er wordt weer eens gedoucht en kleding gewassen, Isabella wordt gepoetst met super spul van Renskib! Ze blinkt weer als een dame op zondag. Hans werkt de hele dag in de hitte door en hoe hij het doet, ik weet het niet, maar de spoiler is na twee dagen weer als nieuw.

Eigenlijk zijn we dus weer klaar voor vertrek, want in een haven liggen kost alleen maar geld. Op naar de Spaanse ria’s!

We leggen koers naar Sada en kiezen niet voor het overvolle en drukke A Caruña, een beslissing waar we eenmaal daar, spijt van hebben, want hier zijn de faciliteiten gewoon niet geweldig. Sada ligt niet ver van Santiago de Compostela. “Zullen we daar naar toe lopen? Als echt pelgrims?”, stel ik Hans voor. Die vindt het een prima plan en duikt in de kaarten. Blijkt dat het 60km van Sada verwijderd is. We hoeven niet lang na te denken om te besluiten dat we de bus pakken: zien we ook best veel van de omgeving toch? Zo gezegd zo gedaa. Ik pak mijn rugzak in. Hans heeft eigenlijk niets in te pakken, zegt hij en mikt zijn tandenborstel en schone zakdoek bij mij in de rugzak. Oempa, das toch wel zwaar zo’n rugzak. Oké dan…. de helft van mijn badkamerartikelen gaan weer terug in de kast en ook maar die spijkerbroek voor als het koud wordt en dat shirt is ook niet echt nodig. Zo, dat voelt beter. We gaan!

Het reizen met de bus werkt hier nog als in Nederland 40 jaar geleden. Gewoon betalen en wisselgeld terugkrijgen. Ook staat er om elke 300-400m een bushalte. Het gaat dus traag wat ook wel een voordeel is: we leren te onthaasten!!

Het is warm en leeg wanneer we bij het busstation aankomen. Nergens pelgrims te zien. Waar is die stoet van mensen? We oriënteren ons waar het centrum zal zijn. Ongemerkt komen we het oude stadsgedeelte in en daar willen we meer van zien en weten! Wat is het hier mooi! Wat oud!! De Romeinen hebben ook hier zo hun sporen achter gelaten. Wat een mooi volkje was dat ook. Nou ja.. ze konden mooi bouwen. We gaan op zoek naar een B&B, maar vinden niets. Alles is vol. Dan zie ik een groot gebouw en iets doet mij vermoeden dat we daar wel terecht kunnen. Het is een oud klooster geweest dat is omgebouwd tot (pelgrim)hotel. Super voordelig en prachtige kamer met super douche en uitzicht! We treffen het dus voor een keertje: nu eens geen pech! 🙂


We maken een mooie wandeling door deze stad en genieten van de vergezichten en de oudheden. De kathedraal is een bezienswaardigheid op zich! Het goud spat van de muren en beelden af! Wat een rijkdom! Het graf van St James wordt druk bezocht en laten we maar voor wat het is. Vrede en rust zit vooral in jezelf.

 


De volgende dag slenteren we nog wat door deze prachtige stad en gaan naar een gedeeltelijk overdekte markt. Hoeden en petten en dameskorsetten, alles is te koop op de markt. De tijd lijkt hier 40 jaar stil te staan en alleen de vele iPhones op steeltjes doen je beseffen dat het anno 2016 is.

We gaan terug naar Isabela en bestuderen de volgende ankerplaatsen. En dan slaat het toe….

 

 

 

Translate »