november 2017

Fan

 

 

Ik zie ze nog voor me toen we elkaar voor het eerst ontmoetten op de verjaardag van Hans. Ze kwam naast me zitten en begon een gesprek. Al snel kwam ze tot de conclusie dat we in ieder geval één ding gemeen hadden en met een brede glimlach zei ze: “empathisch luisteren.” Maar wie van ons tweeën zou dan empathisch naar de ander luisteren? Een van ons zou dan toch iets moeten vertellen en ik wist zeker dat ik niet diegene zou willen zijn. Vanaf dat moment vond ik haar eigenlijk best een beetje eng. Ons contact bleef daardoor beperkt tot het glas heffen wanneer we elkaar op feestjes zagen. Om de een of andere reden begon ze me toch steeds meer op te vallen. Marion was een aparte verschijning en altijd vriendelijk en belangstellend. Een kunstenares, dat kon je zo wel zien aan de kleuren en sieraden die ze graag droeg en de combinaties die ze daarmee maakte. Simpel en toch boeiend. Nog maar kort geleden bespraken Hans en ik de mogelijkheid om haar naar Isabella te laten komen. Isabella lag op haar te wachten, zo voelde ik dat en wist dat Marion het prachtig zou vinden om een keer aan te monsteren. Er moest alleen nog een goed moment gevonden worden en die hadden zich nog niet voorgedaan. Niet tijdens de oversteek van de Atlantische oceaan, niet bij het ontdekken van de armoedige Caribische eilanden waar geen luchthaven is, niet tijdens de periodes waarin Hans en ik elkaar weer even van een andere kant leerde kennen… Was dit dan het goeie moment, hier op dit mooie ankerplekje?

 

“Oja zeg?”. Hans drukt zijn mobiel stevig tegen zijn oor, alsof hij daarmee het bericht nog beter tot zich door kan laten dringen. “Je meent het!?”, gaat hij verder met even later een “Ooohhh…”, waarin het ongeloof overduidelijk is. “En hoe lang weet ze dat al?”
Ik vermoed direct waar het om gaat en blijf dicht in zijn buurt wat aan het aanrecht rommelen en luister mee. De hitte in de kajuit is op dit tijdstip nog dragelijk en voordat de temperatuur stijgt tot het niveau ‘Lekker plakken met z’n allen’, wil ik de nodige sopklusjes gedaan hebben, maar nu leg ik alles neer.
Ik hoor door het kleine speakertje het snelle praten van Yvon. Mijn hand gaat naar Hans z’n knie. Wat anders kan ik op dit moment doen?
Vanuit je thuishaven vertrek je met je zeiljacht, je zwaait je gezonde familie en vrienden uit totdat ze als kleine figuurtjes op de kade achterblijven en je voelt de spanning in je buik van het aankomende avontuur als oceaanzeiler nog verder opborrelen. Ergens weet je dat je mogelijk weleens een ernstig bericht kunt krijgen en je terug moet naar Nederland, naar een van die kleine figuurtjes, maar die berichten zijn dan nog zo ver weg. Eigenlijk bestaan ze niet eens; wil je niet dat ze bestaan en je gaat op in het zeilersleven, de nieuwe bestemmingen, de natuur en de kluslijst die elke week verrijkt wordt met nieuwe aandachtspunten voor je zeiljacht.

 

Twee weken geen internet en dus niet kunnen bellen is heel gewoon. Niet kunnen appen met je dierbaren, geen mail of welk ander contact dan ook naar de andere kant van de oceaan. Wat een geluk dat we gisteren de wal zijn opgegaan om een zoektocht te houden naar een nieuwe simkaart en deze wisten te bemachtigen!
Ze is ziek. Ernstig ziek.
Veel heeft Hans er niet meer over te zeggen, dan alleen de vraag “Wat kunnen we doen?” Maar Yvon weet het ook niet. Ze zal vanaf nu elke week naar Marion gaan, nu het nog kan.
“Oké zusje, we spreken elkaar later. Dank je wel voor het bellen en hou me op de hoogte als je iets weet oké? Doen hoor!”
“Jeetje zeg! Ons Marion heeft longkanker! En jij wist het hè? Je zei het nog!”
Ja, ik weet het. Het bericht dat na de longontsteking, die na allerlei kuren maar niet wilde verdwijnen, op de longfoto nog een ontstekingsrestje was te zien, stelde mij niet gerust. En zeker dat kuchje en de pijn die ze bleef houden was niet pluis, maar je hoopt toch altijd dat het meevalt… Ze is mijn grootste fan, ze geniet van de blog, kijkt er naar uit en laat via de website weten dat ze dan telkens weer even bij ons is.
“Waarom ga je niet naar Nederland? Ik red het hier wel! Je moet gaan. Gewoon even kijken hoe het met haar gaat.” Hans denkt er over na en als hij dat zegt, weet ik dat hij voorlopig geen ticket boekt. We zetten koers naar de volgende bestemming en stiekem gaat het zeiltempo omhoog.

Dan is er het bericht dat Hans doet besluiten om terug naar Nederland te vliegen. Nu kan het nog. Nu kan hij Marion nog spreken.
Een korte periode van bezoekjes breekt aan en voordat we het echt in de gaten hebben is de dag aangebroken dat ze weet dat er voor haar geen ‘morgen’ meer zal zijn. We nemen afscheid van een sterke, boeiende vrouw, de oudste zus, de empathische luisteraarster met wat op het einde van haar leven bleek: liefde voor het zeilersleven.

Elise Bakker

 

 

 

 

Translate »