Eb & Vloed

Op naar Ramsgate, om van daaruit verder te trekken naar de River Orwell, met zijn brede oevers en glooiende, veelal beboste landschappen: een van de mooiste rivieren van Engeland. De rivier is bij zeilers vooral bekend om het plaatsje Pin Mill met de pub The Butt & Oyster. De Engelsen weten het zo mooi te omschrijven: “Pin Mill is a small, unspoilt hamlet that lies in a steep valley…”. Ik heb er reuze zin in om dat te ontdekken!

We komen aan in Ramsgate en raken al snel in gesprek met onze buren. Nederlanders 😀 De buurvrouw en ik hebben iets gemeen: zeeziek zijn. Ze vertelt over het geweldige effect van oorpleisters en geeft me er vijf. “Je ligt dan wel de hele dag te slapen”, zegt ze lachend. Hhmm… of ik daar nou zo zin in heb.. We wisselen nog wat aardigheidjes uit en wensen elkaar nog veel plezier hier in Ramsgate. Later op de avond lopen we in de stad een paar bekende hoofden tegemoet: de Nederlanders. “He hoi!! Huh?! Ha Hoi!!”, gaat het. We besluiten om met z’n viertjes ergens een biertje te gaan drinken. “Doe mij maar thee”, zeg ik, denkend aan mijn geslinger in Dover, “ Straks een biertje..”. Er worden wat algemeenheden uitgewisseld: dure haven, volgende haven, wat doe jij voor werk… Wanneer ik vertel dat mijn achtergrond de GGz is, volgt er een “Oh..”, en lijkt voor de Nederlanders een groen sein voor een boeiend, persoonlijk verhaal. Het biertje wordt een droge witte wijn: ook heerlijk 😉

Op weg naar de River Orwell waag ik het nog maar een keertje met een halfje Cinnarizine en wonderwel gaat dat goed! Is het dan toch waar dat je na een aantal dagen gewend raakt aan de deining? De pleisters hou ik binnen handbereik.
De wind valt weg en we komen langs The River Swale bij The Isle of Harty. Waar de kust van Dover zich kenmerkt door zijn witte krijtrotsen, kenmerkt deze kust zich door een smalle zandstrook waaruit een aantal kleine huisjes oprijzen. Te weinig om een dorpje te noemen, maar wat het hoogstwaarschijnlijk wel zal zijn. Ik waan mij in de 19e-eeuw: eens moet de kust van Nederland vanuit zee er ook zo hebben uitgezien.
We besluiten om de rivier op te gaan en daar een nachtje te ankeren, om de volgende dag verder te trekken. Wat is het hier schitterend!! Een stukje Engeland wat je je voorstelt wanneer je een novel van Charlotte Bronte leest. De East Coast Pilot laat de lezer weten dat het getij-verschil op de rivier groot is en vooral onstuimig te werk gaat. Dit betekent dat we ver genoeg van de oever moeten ankeren. Gebruikers van dinghy’s worden gewaarschuwd wanneer er bij hoog water veel wind is.

’s Avonds besluiten we om in de The Ferry House Inn eens lekker te gaan eten. We pakken de dinghy (bijbootje) “Nemen we de buitenboordmotor of gaan we roeien?” We gaan roeien, die motor is zo zwaar en zo’n gedoe om op de dinghy te plaatsen. Roeien gaat ook lukken. Hans roeit heen en verzekert mij dat ik op de terugweg mag roeien. Hieperdepiep.. hoera 😀 . De Inn is genaamd naar de veerboot die tot 1953 dagelijks tussen het eiland en het vasteland voerde, zodat de priester van de overkant in het oeroude kerkje dagelijks kon preken. De aanleg van een stalen brug strooide roet in het geestelijk voer. We roeien naar het avondmaal met ja alweer een biertje 😀 Haal-op-gelijk-haal-op-gelijk. We gaan snel en super goed! Aan land slepen we de dinghy naar een hogerop gelegen stukje land, daar waar gras groeit zal het ding niet wegspoelen. Het is een zware tocht waarbij Hans tot aan zijn kuiten in de modder zakt. Het zoute water stroomt over zijn laarzen naar zijn sokken. We hijgen en puffen, maar moeten door. We kunnen niet riskeren dat de dinghy afdrijft. Ons harde werken wordt beloond met een prachtig uitzicht over de rivier en een aller-aller-schattigste Inn!! Wat is het hier mooi en zo stil!! Hier woont de ware Engelsman/vrouw: herkenbaar aan de tuin met de vele bloemen en glooiende perkjes, hanging baskets en wooden furniture. Binnen krijg ik een waar ‘home-feeling’: oud-engelse stijl compleet met love-seat en open haard in de lounge. Hans bestelt biertjes. Voor mij een Guiness, Londen Stout. Ik besluit een vat van dit spul te kopen: heerlijk!! Het eten is goed de muziek nog beter (Tamla Motown, soul, Four Tops, Marvin Gaye etc) en samen met mijn lief hier zo te genieten, maakt mijn vakantie helemaal compleet!! Wat ben ik in mn sas!!

 

Na een heerlijk home-made ice-cream rekenen we af en lopen terug naar de dinghy. Inmiddels is het hoog water en de stroom staat tegen. Wie mocht er ook alweer terug roeien? Moedig pak ik mijn taak op en steek van wal. Het gaat best goed! Makkie! Totdat Hans roept dat we afdrijven en wijst de goeie richting aan. Ik doe mijn best en roei zo hard als ik kan. Ik puf en hijg en bedenk me dat ik best nog een tweede home-made-ice-cream naar binnen had kunnen werken 😉 Het water is onstuimig en het is vloed. “Dat gaat niet lukken”, roept Hans boven het lawaai van de wind en golven uit. “Laat mij maar!” En ik voel me enigszins schuldig over mijn muggenkracht. Hans roeit tegen de klippen op, maar we komen niet bij Isabella. “We drijven af!”, roept Hans, “We pakken die boot en blijven daar liggen tot het tij keert”. Zo gaan we het doen. In tijden van plotselinge veranderingen is er geen discussie. We scheren vlak langs de romp van het bootje en ternauwernood kan ik de ankerlijn pakken. Anderhalf uur dobberen we naast de boot. De eigenaar komt vanuit de kuip een paar keer polshoogte nemen en verdwijnt net zo snel weer terug in z’n warme kajuit in plaats van dat hij ons een kop warme koffie aanbiedt.. Een vaag lichtschijnsel smeert zich in de donkere nacht uit over het klotsende water. Het wordt almaar kouder en kouder en de stroming lijkt krachtiger te worden. Gelukkig regent het niet. Hans gaat eens lekker zitten en stelt voor dat ik naast hem kom zitten. Ik krijg visioenen van een jong stel dat in het riet is beland. Onze dinghy blijkt net iets te smal voor zulke romantiek. De wind wakkert aan en de golven worden hoger en hoger. Het begint behoorlijk creapy te worden, we lijken in een niet gekozen kermisatractie te zitten en zonder iets te zeggen besluiten we afzonderlijk van elkaar om niet aan elkaar te laten merken dat we met deze situatie niet echt blij zijn. We zijn de jongens van Sta-Vast, Hollandsche jongens, uuhh… dame en heer 😉 Hans komt op het idee om onze landvast (een touw waarmee je je boot aan iets kunt vastleggen) een extra slagje te geven rondom de scepter van de gastheer-boot. Dat lijkt de kans op het losraken van de dinghy wat te verminderen. “Wordt het al eb?”, vraagt Hans. Ikke nie weet…  “Uhh… ja… lijkt er op he?” Ik voel een propje Kleenex-tissue in m’n vest zitten en scheur er een stuk van af om het tot een propje te rollen en in het water te gooien: een soort van meetinstrument om te zien hoe de stroming staat en of we al naar Isabella kunnen roeien. In het donker kan ik het propje niet volgen en rol een tweede, grotere prop. Het is al over middernacht en volgens de eerdere berekeningen van Hans zou het nu dan toch weer eb moeten worden. Wat zegt de tisseuprop ons? We kunnen!! Het tij keert. Hans worstelt zich vanuit relax-stand weer in roei-stand en we keren in hoog roei-tempo terug naar Isabella. We hijsen de dinghy terug aan boord en leggen het snel op haar plek. Morgen maar iets beter vast maken. We duiken bij Isabella naar binnen en sluiten alle ramen. Bbrrr… wat een avontuur!! We poetsen onze tanden en geven elkaar een kus: we hebben het weer goed gedaan saampjes en vooral: wat hebben we het saampjes goed!!

It’s all about money

Tuurlijk blijft kwaliteit het belangrijkste. En gezelligheid natuurlijk 😀

Met een beetje creativiteit en de kringloopwinkel kom je een heel eind! Opeens wist ik het! Zo heb ik onlangs super gave oud Hollandsch Delftsblauwe bordjes gekocht! Expensive my dear? (We zijn inmiddels in England 🙂 ) Nee juist niet! Euro 2,95 voor een bordje met een leuke prent rondom het visserij en/of zeilleven. Ik heb alles wat de kringloper had van de schap gerukt en naar de kassa gesleept 😀

Met proviand inslaan gaat het niet anders. We zoeken het lekkerste en het beste voor de minste knaken. Immers: meer knaken in de beurs is weer een haventje verdiend, of een liter diesel 😉 . In Boulogne hebben we daarom de mini meloenen van 3.50 euro per stuk maar laten liggen en hebben we ons een ronde buik gegeten aan de vis. Verse vis, zo uit zee gehengeld en happa: in de o-zo-vieze visafslag voor een habbekrats te koop. Niet kniesoren over een vuiltje hier of daar, of een tandeloze visvrouw die haar glibberige handen nog maar eens door een sliert haar trekt! De vis is geweldig! Drie (3) grote tongen van samen ruim 1200gram voor 20 euro. Moet je in Nederland eens om komen! Verse mosselen: drie kilo voor 18 euro. “Oh!!”, roept Hans, “Zie je die kreeft? Kun je die koken??” Vol verwachting kijkt hij mij met een brede lach aan. Hij die altijd zo lovend is over mijn kookkunsten, moet ik nu dan toch wel teleurstellen. Nee, ik weet niet hoe je kreeft moet koken en ik weet niet zeker of ik dat wel wil weten. Levend onderdompelen in een pan met kokend water… Brr.. zo’n grote pan heb ik niet eens. Snel loop ik door en roep dat we nu toch echt naar de boot moeten, anders zijn de mosselen straks bedorven.. Er bleef er niet eentje in de pan achter: ze waren heeeerlijk!!

Dan zijn we opeens in Dover. Veel van de overtocht heb ik dit jaar niet gezien: zeeziek! Dit jaar lijkt het wel meer dan vorig jaar. Wat is er aan de hand? Waarom heb ik zo’n last van die vreselijke deining? Omdat ik van de Cetirizine compleet in coma val, heb ik bij de apotheek anti-zeeziek-polsbandjes gekocht. Gewoon breed haarelastiek met een plastic knopje er op. Dat geeft een soort van accu-presure… Nah.. helpt niet echt dus.
Eenmaal vast aan de steiger blijft mijn hoofd signaleren dat ik nog in een hevige storm verwikkelt zit. Toch gaan we even het stadje in voor een lekker biertje en de rest.. De stoeptegels deinen onder mijn voeten en ik moet me vasthouden aan dat wat ik tegenkom. Nog geen biertje op en toch al dronken?! Dat is pas voordelig!! 😀
In de stad trekt een tweedehands kledingwinkel met zijn reclame mijn aandacht: We give you 50p for 1kilo! “Oh!!”, zeg ik tegen Hans,” Dat had ik moeten weten! 50 pond voor een kilo kleding! Ik heb thuis wel 10 kilo liggen!!” Snel denk ik wanneer ik weer in Dover ben. Hans begint te lachen: “ 50 pond? Dat is 50 pence schat! 50 pence voor 1 kilo!” Hans heeft dikke pret. Ik loop dronken verder, op weg naar mn eerste Engelse pint 😀   (one pound.99 😉  )

De schoonheid van eenvoud

Het leven aan boord lijkt zo simpel, en in feite is dat ook zo. Niet moeilijk doen over een dag niet douchen, maar tevreden zijn met aan het wasbakje een kattenwasje. Ondergoed omdraaien gaat me toch wat te ver, dus dat wordt wel elke dag ververst 😉 . ’s Avonds lekker muziekje uit de iPhone, gratis via-via-via-(s)linkjes opgenomen door Hans 😉 en die muziek is heerlijk: Coldplay (denk ik altijd aan mijn lieve dochter Maartje met wie ik samen een concert van hen heb bezocht), Mr. Probs (moet ik altijd even aan Agnes denken), Marco Borsato (denk ik aan Jolanda, mn oude buurvrouw en super trouwe vriendin <3 ), Sandy Posey zit nog niet in het repertoire (zussie Sonja) en zo heeft bijna elk lied wel een speciale herinnering, maar het meeste denk ik aan mijn kinderen. Hoe het met ze gaat, zijn ze happy met wat ze doen? En zo mijmer ik wat af… De muziek is de muziek waar we beiden van houden. Ja klopt: ook een lekker drankje hoort er bij!

Zeilen is ook: niet weken van te voren plannen waar we op welke dag naar toe zeilen, maar dit een dag van te voren doen en: of we wel gaan zeilen of weer een lekker dagje een stadje of omgeving gaan verkennen.

Om niet elke dag de supermarkten te moeten afstruinen is het toch wel van belang dat ik voor een ruim aantal dagen proviand in huis haal, uuhh in de boot haal 😉 . Helaas is door de blessure van Hans mijn start-voorraadje groenten ‘uitgerekt’ van een week tot anderhalve week en ach… laat de witlof dit nu niet overleefd hebben! Het leek wel of er een uitheems knaagdiertje in de groentemand had huisgehouden. Afgevreten blad. Het spul dreef in het afvalvocht en rook zurig en voelde klef aan. Dapper als ik me voordeed, haalde ik de lelijke bladen er af in de volle overtuiging dat we er toch nog wel iets van zouden kunnen eten, maar helaas…

Een ander experiment heeft wel de proef doorstaan: hoe lang houdt een aardappel het uit wanneer het aan boord in een mandje blijft liggen? Ik kan je zeggen: meer dan een jaar! Lange uitschieters met kleine groene blaadjes, een toch enigszins verschrompeld velletje, maar niet eens sponzig aanvoelend 😀 Kijk maar eens goed naar de foto. Wat kan een mens hier van leren? Dat je niet alles direct in het vuilnisvat hoeft te kieperen, maar spaarzaam kunt omgaan met de energie die je tot je beschikking hebt. Ik heb het nog niet uitgeprobeerd met 40 Gamba’s… die hebben het in de koelkast niet langer dan een uur uitgehouden: ze zijn op de klanken van Zuid-Amerikaanse muziek samen met 8 tenen knoflook in onze magen verdwenen 😀

Morgen naar Boulogne!! Tjuuss!!!

Onstuimig tochtje

Wat is het toch heerlijk slapen aan boord van een zeilschip! Even niet meegerekend dat je wel een goed matras moet hebben. Dat van ons is nog steeds knudde, en heb ik met wat oude stukken latex plus wat knip en plakwerk tot het hoogst haalbare ‘comfortmatras’ omgetoverd. We zullen het er even mee moeten doen.. Geen idee wat ‘even’ in deze betekent, maar een zeiler denkt niet in termen van ‘Tijden’, maar in termen van ‘ Wat is haalbaar’. Zo is het.

Het is de stilte en de rust, die keer op keer smorgensvroeg zo enorm opvallend is. Misschien ervaar ik deze rust ook wel als opvallend, omdat ik thuis om vijf uur door denderende tractoren of grote vrachtwagen die super Plus komt ‘supplieren’ word wakker geschud. Dat is geen pretje kan ik je verzekeren. Ik verslijt dan ook oordopjes bij de vleet.

Nieuwpoort is een leuk stadje met wel meer dan 2500 aanlegplaatsen voor plezierjachten. Nou, denk je dan, dat is druk!! Maar het ligt verspreidt over een aantal havens en we merken niets van de drukte. Wij hebben gekozen voor de Air Force Yacht Club. Ik moet toch natuurlijk enigszins trouw blijven aan mn defensie-roots 🙂 .. Alleen helaas in de verste verte geen Air Force te bekennen, laat staan een pittige F16. Das dan wel weer jammer!

Cultuur snuiven hoort er bij en vandaar dat we even door het Koning Albert I museum stuiven. Gaat over de eerste wereld oorlog en de plaatselijke helden die daarin een rol hebben gespeeld. Best wel aardig museumpje. 7,50 pp.

Door een babbeltje met een local wordt onze kennis over België verder aangevuld en komen we er achter dat België drie ministers van landbouw heeft, Antwerpen 1 (een) boer met bedrijf heeft, een minister met een delegatie op pad gaat (vaak per vliegtuig) om deze boer te vertegenwoordigen, en de drie ministers niet met elkaar in het vliegtuig willen zitten, omdat ze het niet eens zijn met elkaar.. Moet ik toch eens met mijn Belgische dear collega over ‘bomen’ 🙂

Na dit korte bezoekje aan Nieuwpoort gaan we smorgens om half acht richting Gravelines, een soort van ‘aanleundorpje’ van Duinkerken. We hebben stroom en wind mee. Hans heeft uitgerekend hoeveel tijd het ons gaat kosten om daar te komen: 6 uurtjes, waarvan de laatste drie met de motor. Heel jammer, maar het kan niet anders. De wind hebben we pal op kop en er staat een stevige stroming. We liggen behoorlijk schuin, de zee spat over de boeg naar de buiskap en we reven de zeilen, maar dat is nog niet genoeg! De zeilen moeten we inrollen, pas dan komt Isabella weer wat overeind! Ik vind het heerlijk! Het kan niet ruig genoeg gaan! Het spattende schuim dat om mijn oren vliegt en mijn haren zout laten smaken! Heerlijk tochtje!! Isabella duikt in de golven en we verliezen de horizon uit het zicht, om daarna weer statig uit het nat te rijzen. Wat doet ze het toch goed, onze Isabella!!

Grevelines is in zicht en zoals bij elke nieuwe, onbekende haven is het even zoeken naar de havenmond en is er een lichte spanning of we hier wel een plekje kunnen vinden.
De lange havenmond is zo mogelijk nog onstuimiger dan de ruime zee. Dit vraagt om stuurmanskracht en dat lukt. Hans begeleidt Isabella naar de box 116.
Dan even melden bij de havenmeester, die geen woord engels spreekt. Ik kom wel een eindje met mn deux nuit avec WiFi?? De aardige man begrijpt me en we krijgen een stroom aan franse woorden te verwerken. We knikken vriendelijk en gaan terug naar Isabella, om onze handdoeken te pakken en richting bain te lopen 🙂

 

Vertrekkers Vertrokken

Het is zaterdag, we snellen na het ontbijt naar Isabella. Checken de ramen of ze goed dicht zitten (iemand zal zeggen patrijspoorten 😀 ), de afsluiters (weer een overstroming lijkt me vandaag niet geschikt), landvasten los? Dan kunnen we!

Het is eindelijk zo ver: een leuk stel zeilvrienden vertrekken met hun zeiljacht Blue Spirit voor een wereldreis, om (zeer waarschijnlijk) jaaaaren weg te blijven en (vermoedelijk) zich t.z.t. te vestigen in een ver warm land.. Jeetje zeg… wat een avontuur gaan ze tegemoet! We vinden het beiden heel onwerkelijk om, na drie keer een afscheidsborrel te hebben gehouden (de 1e en de 2e keer voldeden zó goed 😀 ), dan uiteindelijk toch de scheepstoeter uit de kist te pakken en al toeterend het stel tegemoet te varen. We zeilen met Isabella tot aan de Krammersluizen een stukje met ze mee.

Al snel blijkt dat Isabella het wat rustiger aan doet dan Blue Spirit. Ze is een zware dame van bijna 10 ton en zoekt met haar 180 diepgang graag eerst even uit waar de ondieptes liggen. Ze ziet het namelijk niet zo zitten om in de Zeeuwse klei te belanden. Nu moet ik eerlijk bekennen… ik ook niet. Kleien is leuk, maar dan met je handen. Na een uurtje heb ik dan ook de verrekijker nodig om Blue Spirit te spotten: ze ligt op kop, maar wat geeft het. In de zeilwereld moet je geen haast hebben (sorry Volvo Oceanrace… 🙂 ) Het is weer genieten zo samen aan boord en zet mn eerste bakkie zwart goud van die dag. Ppfff… het leven is zwaaaar 😀

Dan komen we aan bij de Krammersluizen en zien we de spiegel van Blue Spirit al opgaan tussen de andere zeilers die gaan sassen. De sluis gaat dicht en we horen een sirene! Zijn we te laat? Snel legt Hans Isabella vakkundig aan de kant en rennen de dijk op, hollen snel naar de brug bij de sluis en Hans roept: “Handje!!!” De schat!! Hij zoekt altijd mijn hand: zó lief!! Ik stop en samen rennen we hand in hand verder naar de sluis. Daar liggen ze! JOEHOE!!! HOI!!! En er wordt vanuit de diepte een gil geslaakt: “Jeetje!! Jullie hier??? Wat leuk!!”

Ach… ik slik en denk na… tja…

We grappen nog wat over verstekelingen, beloven contact te houden en daar is alweer de sirene voor het openen van de sluis.

Ze gaan… ze gaan echt… toch wel vreemd hoor… We zijn er allebei stil van en lopen, hand-in-hand, terug naar onze Isabella..

 

Samen een nieuw begin

Om een zeilschip te leren kennen, hoe ze reageert op de wind en de stroming, vergt enige tijd. Maar daarna is het een kwestie van genieten en het verfijnen van de kneepjes die er voor zorgen dat ze nog soepeler door het water glijdt.

Het starten van een website en het schrijven van een blog lijkt mij ongeveer op dezelfde manier gaan: in het begin soms wat stuntelig, maar uiteindelijk wordt het schrijven een vanzelfsprekendheid.

Vaar hier samen met ons mee en geniet van de reizen en belevenissen aan boord van S.Y. Isabella!

Hans & Elise

Wat ligt er achter de horizon?

Wat ligt er achter de horizon?

 

Translate »