#gulfofbiscay

Mindelo, Kaapverdië

 

 

 

Mindelo,

Waar men in Palmeira het motto ‘No-stress’ hanteert, lijkt dit in Mindelo absoluut niet zo te zijn. De armoede is zo mogelijk nog zichtbaarder en de armen scharrelen hun muntstukken met verkoop van kleine visjes bij elkaar, of ze zitten tegen een geveltje en houden hun hand op. Zelfs kinderen hangen bijna aan je broek, strijken met hun hand over hun maag en houden hun andere hand op voor een gift. Ze kijken met smekende gezichten. Het is afschuwelijk! Een bejaarde man in lompen strompelt al mompelend traag over het smalle stoepje, steun zoekend op zijn zelfgemaakte wandelstok. Ook hij houdt zijn hand op. Wat een ellende zie je hier. De werkloosheid is groot en ik heb me laten vertellen dat 44% van de bevolking arm is waarvan 22% zeer arm (bron Zanzibar).

 

 

Door andere Nederlanders die ook de grote oversteek gaan maken, zijn we uitgenodigd om te participeren met een bustripje. Gezellig! Met 8 kwebbelende Dutchies gaan we het gebied rondom Mindelo verkennen. Wanneer niemand voorin gaat zitten, neem ik met goedkeuring van de overigen plaats naast de chauffeur. Ik vind het heerlijk om met plaatselijke bevolking in contact te komen en zo wat meer van het wel en wee te horen.
We rijden door het heuvellandschap en bezoeken Salamansa, het meest armoedige dorpje dat ik nu ben tegen gekomen. Geen watervoorziening in de huizen, maar in de dorpskern een soort van opslag waar men de jerrycans kan vullen. Bij de huizen grote plastic vaten vol met water en weer gesjouw met bakken om de privé watertank te vullen. “Is it drinkingwater?”, vraag ik aan het lokale meisje. Ze lacht. Nee, het is om kleding te wassen en te koken. Vrouwen die rond het huis werken en mannen die of vissen of zich vermaken met staren in de verte. Meer is er niet.

 

 

 

 

Er wordt gezegd dat het binnen enkele dagen kerstmis is. Geen idee. Ik mis de gure wind en de kou, de houtkachel en de rode kool met stoofvlees. Uit een kastje haal ik wat zilverslingers en een wollen elandje met wat kerstgroen. Met een temperatuur van 24 graden, toch een beetje kerst aan boord. Het stoofvlees komt op tafel in de vorm van een Indonesisch gerecht (zie pagina Kombuis). We smullen.

 

In Mindelo vind je geen luxe toeristische winkelcentra, maar oude markten waar gedragen kleding (uit Europa???) op de straat uitgestald ligt. Vrouwen die wat groente en weinig variatie aan fruit verkopen, mannen die spelletjes spelen zoals kaart, een eigenaardig knikkerspel of tafelvoetbal. Straathonden scharrelen er overal tussendoor. Lawaai van auto’s, stemmen die elkaar overschreeuwen, tussendoor zuid-Amerikaanse muziek, veel gebaren en een hoop viezigheid op straat. Ik vind het prachtig om te zien, kan er geen genoeg van krijgen en ga elke dag even kijken. Dit is zoveel mooier dan de overdekte groentehal, waar we natuurlijk ook naar toe gaan, al is het alleen maar omdat we de grote oversteek gaan maken en het een en ander nodig hebben.

 

 

Tussen de altijd maar terugkerende klussen aan boord door, besluiten we een ‘vrije dag’ te nemen en met de ferry naar het tegenoverliggende eilandje Sao Antao te gaan. Tot onze verbazing zien we dat de ferry een oude schuit van Rederij Doeksen is. Nog staat de naam op de zijkant van het schip: OOST VLIELAND. Wat een toeval! Hoe vaak zal ik niet samen met mijn gezinnetje op deze schuit van Harlingen naar Vlie hebben gevaren? Heerlijke vakanties met de tent op de camping van staatsbosbeheer Lange Paal. Sweet memories!!

 

Door de wind die het zand uit de Sahara naar west blaast, ligt Kaapverdië onder een steenrode stoffige deken en zijn de prachtige vergezichten waarvan je anders zo kunt genieten, nu bedekt met de mistige stof. We verkennen een klein, maar prachtig gedeelte van dit eiland en zijn alweer getroffen door de armoede die nog meer dan in Mindelo lijkt te zijn. Niet te geloven! Amper een auto te bekennen, maar wel ezeltjes met vracht op hun rug. Of vrouwen met op hu hoofd een bij elkaar gesprokkeld bosje takken. Zoveel armoede! Het schijnt, hebben we ons later laten vertellen, dat armoede in de genen ligt: geen interesse om het wat beter te krijgen. Het leven is goed zo, dus waarom veranderen? It’s a way of life, net als zeilen…

 

 

Onder weg zien we een kind dat het haar van moeder wast, rijden we regelrecht de mist in en lijkt de omgeving meer op het decor van een scene uit de Game of Thrones. Ook zien we betonnen hokjes waar een varken blijkt te wonen.

 

 

 

 

We gaan onze laatste boodschappen halen. Later zien we het bejaarde mannetje zitten met z’n stok zitten. Hij eet een banaan. Hans geeft hem wat geld. Het is tenslotte oudejaarsdag…

 

 

 

Het is 31 december 2016. Het jaar is bijna ten einde… Als eerste missen we natuurlijk onze kinderen, de telefoontjes om 00.00uur, het uit het zolderraam hangen om naar het prachtige vuurwerk te kijken. Van oliebollen zijn we voorzien. Een toeval is dat hier ergens een Belgische kok werkt en voor een aantal Nederlanders oliebollen bakt. Die zal ik strakjes gaan halen. Heerlijk!!!
De spanning hier in de haven stijgt. Morgen vertrekken er ongeveer 8 zeilschepen, waaronder ook Nederlanders. Een plukje zet koers richting Suriname en een plukje vertrekt richting Barbados.

Ondertussen hebben we onze bestemming weer teruggedraaid naar het eerste plan: het wordt niet Suriname maar Barbados. Suriname is prachtig en willen we graag zien, maar nu nog niet. We zullen koers zetten naar Barbados om van daaruit al hoppend van eilandje naar eilandje naar St. Maarten te zeilen. Tegen de tijd dat het hurricane season begint willen we terug zijn op de benedenwindse eilanden (ABC). Daar zullen we drie maanden liggen en dat is een mooie tijd om Nederland weer eens te bezoeken en om tijd te maken voor die prachtige trip naar Suriname. Beide per vliegtuig 😀

Morgen, 1 januari 2017, vertrekken we om 12 uur uit Mindelo naar Barbados of een nabij gelegen eilandje. Vanaf die tijd is het ongeveer 20 dagen radiostilte 😉 Op marinetraffic.com , vesselfinder.com of andere sites waar je schepen kunt volgen, zullen we in die weken niet te volgen zijn: we zijn nl. te ver uit de kust.

Deze keer extra veel foto’s, die vanwege de hoeveelheid wat minder van kwaliteit zijn, maar zoveel moois wilde ik jullie niet onthouden.

Wij wensen jullie een knallend uiteinde en een spetterend 2017!!! Maak er wat van, waar je ook bent en wat je ook doet!!
Dat doen wij namelijk ook!!!

 

Hieronder leuke filmpjes

 

https://youtu.be/GZiQZaUy3mE

 

 

isla Sal, Cabo Verde

 

Kaapverdië, eilandje Sal, dorpje Palmeiro
Wanneer we met Dirk, de dinghy, naar het kleine haventje tuffen, spettert het zeewater over het kleine boegje. We manoeuvreren ons tussen de oude en bijna vergane vissersbootjes door naar de wal. Daar staan al enkele kleine jochies te wachten en roepen ieder het hardste om de gunst van het mogen ‘bewaken’ van de dinghy. Van de gezagvoerder van het zeilschip ‘Enjoyster’ hebben we de tip gekregen om gebruik te maken van dit ‘bewaken’. “Je hebt er voor een euro een vriend bij”, had hij gezegd en sprak hiermee onze gedachten uit. Precies zo denken Hans en ik er ook over.

 

Ik werp de landvast van Dirk naar een jongetje met een rood T-shirt. We kijken elkaar aan en daarmee is de afspraak bezegeld: bij terugkomst ontvangt hij een euro! Eenmaal voet aan wal dringen de andere jongetjes om ons heen en beweren dat zij ook hebben geholpen en zij dus de euro hebben verdiend. Ik lach wat en zeg kalm “No-no! He is the man”. Het jochie in rode T-shirt glundert. Je ziet zijn borstkastje zwellen en trots loopt hij terug naar de landvast van Dirk en gaat zitten. Hij houdt de wacht.

In het versleten dorpje zoeken we naar de autoriteit waar we moeten inklaren. Een verkoopster in traditionele kleding biedt ons een kijkje in haar mandje waarin sieraden en handgemaakte popjes liggen. Vriendelijk wijzen we haar aanbieding af en ze vraagt wat we zoeken. “Policia?”, zegt Hans. Ze wijst ons een blauw huisje aan, niet groter dan de andere geveltjes, en lacht ons ‘gedag’. Wonderlijk dat deze verkoopster niet verder aandrong. Wat aardig!
Bij het politiebureau belanden we in de ‘slow-motion-mood’ van de zuiderling. Veel gepraat en weinig actie, hebben we de indruk. Er zijn nog drie wachtenden voor ons. Na even zoveel kwartieren zijn we aan de beurt om zelf een formuliertje in te vullen en het paspoort van Isabella te overhandigen. Het geplastificeerde document verdwijnt in een la en krijgen we terug bij vertrek. Prima, het is immers een kopie.

 

Dan gaan we op zoek naar een ‘bel-company’, want er moet internet komen en snel ook! We willen onze kinderen laten weten dat de overtocht van 8 dagen goed is verlopen en waar we nu zijn. Een oud VW-busje stopt en een donker getinte man roept iets naar ons waarop Hans “JA!!” terug roept. “Kom! Zegt Hans, “Stap in!” Mijn zucht naar avontuur juicht en voor dat ik het weet zit ik in een VW-busje dat misschien nog van vóór mijn geboortejaar dateert… Waar in Nederland m.n. in de decembermaand men niet uitgesproken raakt over discriminatie tussen black & white, lijkt dit hier niet te bestaan. Gemoedelijk worden we opgenomen tussen het kleurrijke en geur-rijke geheel. Een vrouw draait zich om en vraagt in vloeiend engels waar we vandaan komen. Zo raken we aan de praat en eenmaal in Salamanca aangekomen, geeft ze haar dochtertje van 2 mee aan haar tante en loopt met ons de halve stad door naar de bel-company. Ook daar blijft ze wachten en regelt dat de minstens tien wachtenden voor ons, nog even geduld hebben en zo gebeurt het dat we de eerst volgende klant zijn. We voelen ons bezwaard, willen deze voorrang niet. Maar de dame, waarvan uit de gesprekjes blijkt dat ze ook souvenirs verkoopt, legt uit dat het ‘no problem’ is, dat de bevolking van de toeristen leeft en zij graag tot hen in dienst staan. Dat is toch wel apart. We willen absoluut niet het soort blanken zijn van ruim honderd jaar geleden, waarover zoveel is geschreven. We bieden aan om te wachten, maar daar is geen sprake van. Na een klein kwartiertje hebben we ieder onze sim-kaart en staan we weer buiten. We lopen gedrieën terug naar het busje en kopen onderweg op de stoep nog een heerlijk stuk tonijn die voor de verandering per kruiwagen en op een stuk karton wordt vervoerd. Verderop staat een jongeman met een grote zak doppinda’s. Dat lusten we ook wel en kopen een kilo.

Dan zijn we weer bij het busje en ik beloof de dame om de volgende dag bij haar een souvenir kopen. Zoveel moeite voor zo’n klein souvenir…. Zij heeft ons met haar gedrag het mooiste en een onbetaalbaar souvenir gegeven. Om een voorbeeld aan te nemen! Aan Hans vraag ik: “Zie jij trouwens ergens bushaltes?” Hans grinnikt. “Nee schat, die hebben ze hier niet”.

 

 

We zijn weer terug in Palmeiro en lopen naar Dirk. We zien kinderen verstoppertje spelen en door een foto te maken, verraad ik per ongeluk het verstop-plekje van een klein jongetje.

Het rode T-shirtje ziet ons aankomen en wijst naar de landvast van Dirk. Met gebaren maakt hij duidelijk dat hij goed op Dirk heeft gepast. Het is zo aandoenlijk en tegelijkertijd zo schrijnend om te zien hoe hard het jochie voor zijn centen strijdt. Ook zijn daar de andere jochies weer die proberen een afspraak te maken om de volgende keer op Dirk te mogen passen. Daar gaan we niet op in. Het rode T-shirtje wijst naar zijn borst: hij heeft vandaag een goeie job gedaan! Blij kijkt hij naar de euro die Hans uit zijn broekzak pulkt. Hans vraagt aan het jochie of hij iemand kent die kan duiken. Een andere knul, ongeveer 15 jaar ouder dan het rode T-shirtje, hoort de vraag en roept “I can dive!!”. Binnen no time staat Hans met twee knullen van rond de 20jaar te onderhandelen over het schoonmaken van ons onderwaterschip. Ze hebben een deal: morgen haalt Hans ze op in de haven en cleanen ze de onderkant van Isabella. Zo afgesproken, zo gedaan en met deze kennismaking gaat er een tipje van de wonderlijke sluier van Sal voor ons op.

Wanneer Hans de vrienden heeft opgehaald, tuf ik met met Dirk terug naar de wal. Ik word al opgewacht door Mammien, de dame die ons naar de bel-company begeleidde. De begroeting is van beide kanten hartelijk en ik bied haar aan om samen iets te gaan drinken. Ze neemt me mee naar een klein barretje waar ik de lekkerste koffie sinds tijden heb gedronken. Ik lust er nog wel een. Mammie neemt een flesje water en laat mij haar mand met de aan te kopen kadootjes zien. Ik kies een paar kettinkjes uit, waaronder eentje voor Hans. Het zal hem goed staan, zo met zijn grijze manen en stoppelbaardje. Dan komt de tante van Mammien en vraagt of ze mij ook iets mag verkopen. Ik ben een slechte onderhandelaar en laat me verleiden om bij haar een mooie doek en wat armbandjes te kopen. Met schaamrood om de wetenschap dat deze mensen arm zijn, weet ik toch nog wat af te dingen. Dat schijnt bij het aankoop-spel te horen. Ik ben er echt niet goed in en denk aan de rijkdom waarin de Europeaan in vergelijking tot deze mensen leeft.
We zijn alledrie tevreden en laten ons door een andere toerist op de kiek verenigen.
Met teveel souvenirs en wat brood vaar ik terug naar Isabella.

 

 

De knullen hebben hard gewerkt en de onderkant van Isabella is nu vrij van algen. We eten samen met Delfi-John en Kevin-John een broodje en vertellen over onze plannen. Delfi-John, die goed engels spreekt, adviseert ons over welke eilanden van Kaapverdië veilig zijn. De meest zuidelijke eilanden schijnen niet zo veilig te zijn. Hij noemt het ‘different culture’ en dat verbaast ons: het is toch Kaapverdië? Dat klopt, en met enige aarzeling legt Delfi-John uit wat het verschil is tussen de Noord-Kaapverdianen en de Zuid-Kaapverdianen. Ik zie dat Delfi-John zo’n zelfde kettinkje draagt als dat er in mijn tas op Hans ligt te wachten. Het is gezellig en dan zit Delfi-John aan zijn kettinkje te frummelen. Hij doet het af en geeft het aan Hans. Hans is zo verbaasd! Het ontroerd hem en ziet dit als een bijzonder gebaar, wat het ook is. Kevin-John lacht en knikt. Het is oké. Woorden als ‘ Your my friend’ en ‘Special contact’ gaan over de tafel. Het is een mooi moment. Het kettinkje voor Hans laat ik nog even in de tas zitten. Dit geschenk van Delfi-John is immers zoveel meer waard.

We brengen de twee vrienden weer terug naar de wal en lopen nog eens door het armoedige dorpje. Het leven speelt zich op straat af en wanneer je een blik in een huisje is gegund, zie je een kale betonvloer, een koelkast en een houten tafeltje. Alles op niet meer meer dan op max 15m2. Een beetje schaamtevol voor mijn nieuwsgierige blik, loop ik maar snel door en laat mijn camera in m’n tasje zitten. Mijn netvlies zal het gegeven in mijn brein opslaan.

 

 

We lopen verder en een van de vele zwerfhonden volgt ons. Ik wil even naar het supermarktje, dat niet meer is dan een soort van opslagruimte is waar wat planken aan de muur zijn bevestigd met daarop het koopwaar. Het hondje wacht bij de deur en ik stel Hans voor om voor het beestje een blikje smac van een ander merk dan Unox te kopen. Hans lacht en vindt het best. Ik koop het blikje met de nog prehistorische sleutelsluiting die we in Nederland al decennia niet meer kennen, omdat we onze handen er aan open haalden. Hans waarschuwt mij daarom voorzichtig te zijn met het openen. Wanneer ik het blikje tevoorschijn haal likt het hondje zijn snuit al af. Pavlov effect. Hoe mooi is de geest!! Ik open het blikje en schud er voor de pootjes van de hond de aan de bodem vastgeplakte brij uit. Hij ruikt en gaat eten. Tevreden kijkt hij eens op. vanaf die dag zijn we vrienden geworden en komt het hondje mij begroeten, loopt mee en ligt op een terrasje aan mijn voeten nadat hij eerst met zijn kopje een aai langs mijn kuit geeft.

 

We liggen alweer veel te lang op Sal en willen door, maar de wind is ongunstig en blaast ook nog eens het sahara zand onze richting op. Vies poederachtig spel dat alles rood verkleurt. We horen dat het vliegveld is gesloten. Zelfs tot in Curaçao komt het stof. We zitten wel drie keer per dag naar de files van Zygrib te turen, maar zien bij het opnieuw ophalen van weer gegevens, geen verbetering. We besluiten de sprong naar Mindelo te wagen. Maandag, want zondag willen we eerst hier een kerkdienst meemaken. De kerk zit stampvol en het is pas over drie weken kerstmis! Er zijn veel vrouwen en kinderen. Geen jeugd van tussen de 20-30 jaar. Een enkele man. ‘sAvonds is er een DJ in het dorp en wordt er plaatselijke muziek gedraaid. Beetje Zuid-Amerikaanse klanken. Best leuk! We zien Delfi-John en Kevin-John, nemen samen een biertje en nemen afscheid.
De volgende dag halen we het anker op en kijken voor een laatste keer naar het versleten dorpje. Het dorpje waar het motto ‘No Stress’ wordt aangeprezen en gebezigd. No stress…. tja… zo zou het altijd en overal moeten zijn.

 

 

 

 

Portugal

 

 

Dan wordt het toch echt tijd om de bemanning van Zanzibar op te zoeken en de volgende dag vertrekken we vroeg richting Portugal, waar Henk en Tineke al geruime tijd bij Cascais voor anker liggen.

We besluiten om de dagen niet onnodig lang op zee te blijven en maken korte tripjes van ergens tussen de 30 en 35 mijl per dag. We voelen ons er prima bij en zien op deze manier ook meer van het land. De volgende haven is dan ook een uurtje of zeven zeilen en zullen we overgeleverd zijn aan de vreemde Portugese taal. Vanaf de grens worden we door de Pilot gewaarschuwd voor vispotten.

Spanje en Portugal worden vanuit zee gezien gescheiden door een brede rivier met aan elke oever op het hoogste puntje van de rots, kleine oude burchten. Het is alsof je een kijkje mag nemen in de tijd van de middeleeuwen, zo hier op zee. Telkens genieten we van de mooie landschappen die er natuurlijk voor zorgen dat ik mijn fototoestel weer startklaar heb. Wat we tot nu toe in onze reis allemaal hebben gezien is ongelofelijk mooi. Verbazingwekkend ook hoe dichtbij het feitelijk toch ook van Nederland is. We realiseren ons vaak dat we met een heel bijzondere reis bezig zijn. Toch zijn er ook momenten dat het allemaal zo gewoon lijkt. Dit komt vermoedelijk omdat we er gewend aan raken om op Isabella te wonen. Het zijn dan de kleine dingen die ons weer even doen stilstaan bij onze reis, zoals de geheimzinnige swell, de vispotten die vlak voor Isabella opdoemen en waarvan we niet willen dat het touw in de schroef komt, de armoede die we zien in de kleine oude volksbuurtjes dicht bij de vissershaventjes, het kopje koffie dat maar 45 eurocent kost. Het is allemaal heel bijzonder.

Helaas zijn er voorlopig geen ankerplaatsen langs de kust van Portugal en lopen we de haven van Viana do Castello binnen. Daar maken we kennis met de druk pratende en tot zijn enkels rijk getatoeëerde en vriendelijke havenmeester. Hij heet ons een ‘special welcome’, omdat het ons eerste bezoek aan Portugal is en vraagt hoe lang Isabella is (39ft), legt Isabella vast aan de steiger en nodigt ons uit om mee te komen naar het havenkantoor. Hij praat honderduit in goed engels, kruipt achter zijn bureau en opent de PC. Met zijn rechtervoet trilt hij met een hoog tempo zijn been op en neer. Ik krijg de neiging om te zeggen “ZIT STIL!!”, maar weet me in te houden. We wisselen complimentjes uit over goeie taalbeheersing en “Hollanders zijn aardige mensen, en Portugezen ook” en ondertussen maakt deze meester de rekening op voor één nacht: 38 euro. Hans zou Hans niet zijn als hij de rekening niet zou controleren en verbaast vraagt hij waarom het zo duur is. De wenkbrauwen van de havenmeester gaan omhoog en hij zegt dat het een ‘normal price’ is. “You call this normal?!”, vraagt Hans nog eens met de nadruk op ‘normal’. De havenmeester checkt de rekening en zegt; “Oh sorry! I made a mistake! I thought your boat is 30 meters!” ….. Ja-ja… Dan zou 38 euro dus een koopje zijn… De rekening wordt aangepast en we betalen 10 euro minder.

We willen douchen en het verbaast ons niets dat ook deze haven een eigen manier van douchegebruik hanteert. Bij de ene haven kun je zo een hokje binnenlopen (zwervers dus ook) en bij de andere haven moet je eerst door een poort en dan door een met een chip te openen deur. Safety for all!! Bij de laatste zou je verwachten dat je een super de luxe doucheruimte aantreft, maar dan kun je je lelijk vergissen. De een heeft een plastic gordijn voor de sproeier hangen en de ander een deurtje met een schuifje. Een rekje of plankje om je douchetas op te zetten en een haakje voor een handdoek kun je vergeten. Die spullen mag je in de gemeenschappelijke ruimte achterlaten. Je kunt dan na het douchen in je blote kont je handdoek uit je tas plukken. Dat gaat zuster Elise natuurlijk niet doen en ik verzin een trucje, zoals bijvoorbeeld het hengsel van mijn douchetas tussen de douchedeur klemmen en dan het schuifje dichtdoen 🙂 Mijn evakostuum is for Hans’ eyes only 😛 . Hoe het bij de heren is? Geen idee: das verboden terrein voor mij 😉
Douchen zoals thuis kun je dus vergeten en het is daarom ook niet handig om dit na te streven. Hier hadden wij ons voor ons vertrek al bij neergelegd.

 

 

Opgefrist en uitgerust zeilen we door naar Leixoes en vinden ook daar een ankerplekje. Er wordt op kleurrijke schepen actief visserij gevoerd. Netten boeten behoort nog steeds tot een dagelijkse klus. Enkele Nederlandse zeilschepen lijken we weer uit het oog te verliezen, maar er komen weer andere voor in de plaats. Hier maken we kennis met de crew van de Maaike-Maria en wisselen weer het een en ander uit. Kennelijk gaat het zo in het zeilersleven en daar is niets mis mee.

We plannen een dagje Porto, de oudste stad van Portugal en zoals de naam al verraadt: De stad van de port! En laat dat nou precies mijn favoriete teugje zijn!! Wel de Tawny Port! Jammie! We kijken onze ogen uit naar de schitterende gevels van de vele oude woningen. Het lijkt alsof hier het Nederlandse Delfts Blauw is uitgevonden. Prachtige taferelen spelen zich af op de als een puzzel gelegde plateaus die al jaar en dag door mensenogen worden bewonderd. Zo ook in het oude klooster waar ik Hans vertelde dat ik als kind de wens had om non te worden. Het leek me prachtig om m’n haren te verbergen onder een witte kap en dan in een lange jurk rond te lopen. Een soort van moeder overste Maria uit de Sound of Music. Hans lacht en zegt zich er niets bij te kunnen voorstellen.

 

We lopen verder en hoe enger/nauwer het steegje is, hoe boeiender we het vinden! Het lijkt alsof we de sporen van de Romeinen die hier ooit hun voornaamste vesting hadden, nog steeds kunnen volgen. Oude stadsmuren en straatkeien: het is er nog allemaal. We kijken uit over in elkaar grijpende rode pannendaken en zien een oud zeemanshuisje, nog compleet met anker boven de voordeur. Porto is werkelijk een bezoek waard. We genieten volop en nemen de behoorlijke klimpartijen die we moeten leveren om de straatjes door te worstelen, op de koop toe.
Voor anker liggen is super heerlijk, maar ergens stijgt er een geur van spek en rook aan mijn neus voorbij en is de tijd om weer eens te douchen weer gekomen. We varen een klein stukje door en besluiten om in de prachtige stad Porto de haven te bezoeken. Beddengoed, handdoeken en alles waar maar een geurtje aan hangt, wordt in de waszak gepropt: klaar om weer 15 euro te verbrassen aan die geweldige wasmachines!
In Marina Porto aangekomen blijkt het een sjiek boel met supervriendelijk personeel. Ze houden nog net niet de poort van het hek voor je open, maar het scheelt niet veel. We gaan betalen. Deze keer maar voor 1 nacht: 44 euro. Ach.. we raken er aan gewend…
Bij het verkennen van het kleine stadje, ontdekken we een openbaar waslokaal. Vrouwen staan er driftig hun wasgoed te schrobben, anderen weer hun deurmatten. Buiten het waslokaal hangt alles te drogen aan lijnen die door houten staken worden gesteund. verbazingwekkend hoe de tijd hier lijkt te hebben stilgestaan!
“Hier kun je ook je was doen!”, oppert Hans vrolijk. Ik wijs hem op de deurmatten en het grijze waswater en hij zegt dat het misschien toch niet zo’n goed idee van hem was. Lachend lopen we verder en zoeken beschutting tegen de brandende zon.
“Schat, als jij nu een brood gaat halen en eens gaat kijken waar we vanavond kunnen gaan eten, dan kijk ik nog even naar de motor, ik wil weten of het nu goed gaat”, stelt Hans voor, doelend op een nieuwe lekkage. Sinds enkele dagen verliest de motor koelwater en we zijn er nog niet achter waar de lekkage zit. Hans klust weer aan de boot en ik hou me bezig met de enorme berg wasgoed. Het is een drukke dag en wanneer iemand ooit dacht: ‘die twee gaan een leuk relaxed reisje maken’, die heeft zich gruwelijk vergist! De reis is prachtig, dat zeker, maar het vele werk dat nooit ophoudt, maar zichzelf weer aanvult met nieuwe klussen, dat werk stopt nooit! We belonen onszelf dan ook met een etentje buiten Isabella en volgen het advies van vriend Leo op: “Ga eens zo’n klein straatje in en neem een restaurantje waar maar drie tafeltjes staan! Daar eet je het lekkerst!”
Laten we nou net zo’n eethuisje tegenkomen! En het klopt helemaal: nog nooit zo lekker gegeten!! Moeder de vrouw staat zelf achter het fornuis en zoonlief serveert. Vader houdt op het bankje een oogje in het zeil. Fantastisch! We genieten van een heerlijke vis, van de aardappelen in olijfolie en van de eenvoudige maar oh zo lekkere sla! We maken het plan voor de volgende dag, bestellen een tweede fles wijn en gaan rondom gelukkig weer terug naar Isabella. Wat is het leven toch mooi!! Bedankt voor de tip Leo!

 

De volgende dag zetten we koers naar Aveilo, een oud haventje dat tegen Aveiro ligt. We moeten diep de rivier opvaren willen we daar kunnen komen. De rivier wordt smaller en het water grauwer. Op de oevers ligt oud schroot, resten nylondraad en bergen slik. Bij aankomst blijkt het een vervallen vissershaventje te zijn met een oud gebouw waar ooit een maritiem museum in gehuisvest was. Het ziet er verlaten uit. De ruiten van de gebouwen zijn gebroken en hier en daar is op de betonnen muren nog wat oude verf te ontwaren. Ergens onder een dakgootje zijn nog wat oude tegeltjes te ontdekken waarop beschilderde visserstafereeltjes te zien zijn. Zonde dat dit moois hier staat te vervallen! De ponton die op drie meter afstand van de kade ligt, lijkt echter nog niet zo oud en biedt +/- 50 vaste ligplaatsen en plaats voor ongeveer 10 gastboten. Wanneer het drukker wordt, moet je aanleggen bij een nieuw te kiezen buurman. Gelukkig hebben we bij aankomst nog alle ruimte! Na wat zoeken blijkt dat de havenmeester alleen maar tussen 15- en 20 uur aanwezig is. Dat treft, het is net 19-uur.
Na ons dagelijkse avondritueel, eten, lezen, serie op DVD kijken (Breaking Bad (we love it!!), wassen/tanden poetsen, gaan we slapen. Maar dan hoor ik wat! Ik hoor mannenstemmen!! Vlak bij de boot!! Ik gluur in het donker uit het wc-raampje en zie op de kade een donkere VW-golf staan. De koplampen zijn uit, maar door de paar straatlantarens is te zien dat het vehikel ook in redelijk vervallen staat verkeert. De chauffeur kijkt naar ons schip en mompelt wat tegen zijn passagier. Wat voeren zij in hun schild? Ik vertrouw het niet en schuifel naar Hans die al ligt te slapen. Dan maar weer terug naar de duistere wc. Ik besluit om met mijn iPhone een foto te nemen. Dan heb ik in ieder geval bewijs van de schurken in spé. Ik druk op de button en ojee!! De flitser gaat af!! Domme ik, nu heb ik mezelf verraden! “Schat wat ben je aan het doen?”, hoor ik uit de slaaphut komen. “Uuhhh… nou moet je eens komen kijken! Wat doen die daar??” Hans kruipt uit z’n warme holletje en komt eens kijken. lacht mijn bezorgdheid weg en zegt dat er niets kan gebeuren. Het zal wel bij de gewoontes van deze bevolking horen. Mannen die tot laat hebben gewerkt en nog even naar de haven rijden om zomaar te kijken wat er te doen is. Nah… ik neem het aan en besluit om ook te gaan slapen. Later in die week blijkt dat Hans gelijk had: vier meter van Isabella verwijderd om 23 uur, komen er locals hun hengeltje uitgooien en kletsen wat.
De eerste nacht in Aveilo hebben we achter de rug en scharrelen na het ontbijt wat over het dek van Isabella. Hans wil de motor nader inspecteren, hij vertrouwt het forse verbruik aan koelwater niet. “Elise!!” en nog eens: “Elise!!” het lijkt alsof iemand anders dan Hans mijn naam roept, maar dat kan toch helemaal niet?? Ik kijk om en zie op de rivier de Maaike-Maria met Reina en Willem aankomen. Leuk!!
“Wat is de doorvaarhoogte hier?” roept Willem. Doorvaarhoogte?? Ik kijk eens omhoog en zie daar de hoogspanningskabels. Waren die er gisteren ook al?? Snel roep ik Hans en hij geeft de juiste hoogte aan. De Maaike-Maria komt naast ons liggen. We raken weer aan de praat en de mannen duiken samen onder het motorluik. Na een klein half uurtje blijken ze het euvel gevonden te hebben: de motor verliest de koelvloeistof via een injector. Dat ziet er lelijk uit! Doorvaren is geen optie meer. Willem sleutelt de injector er uit. Het ding moet worden vervangen, maar waar vind je hier in the middle of nowhere een Volvo dealer? Hans belt met Leo en hij mailt ons het adres van een dealer. Binnen een paar uur krijgen we reactie van de Volvo-man uit Nederland die de diagnose heeft gesteld dat bij de demontage van de verstuiver de koperen ‘sleeve’ is meegekomen. Dat wijst op een slecht functionerende verstuiver en is vermoedelijk de oorzaak van de lekkage. De sleeve zal met speciaal gereedschap moeten worden vervangen. De Volvo-man stuurt ons een adres van de dichtstbijzijnde Volvodealer. Geluk bij een ongeluk: de dealer is 5km van Aveiro verwijderd! Soms zit het tegen en soms zit het mee. Deze dag sluiten we af met een door Reina heerlijk bereidde maaltijd met lamsvlees vergezeld door een goed glas wijn.

 

 

De volgende ochtend lopen we met de injector in de rugzak naar de dealer. Ja-ja, repareren is mogelijk. Alleen de monteur is met vakantie. Er moet naar een vervanger worden gezocht. We laten de verstuiver met koperen sleeve achter. De volgende dag komt de vervangende monteur. De man sleutel wat. Hans vindt hem nerveus overkomen: zijn handen beven. Als dat maar goed gaat…
Dan komt het hoge woord er uit. Bij het demonteren van de koperen sleeve heeft hij de verstuiver op de kop laten vallen. De verstuiver kan dus niet worden gemonteerd. Er moet een nieuwe worden besteld. Hans blaast wat en gromt wat woorden met veel g’s in de spelling. De monteur vertrekt.
Ons vertrouwen in de motor is gedaald en heeft invloed op onze energie en humeur. Nog nooit samengewoond en dan sinds drie maanden onder deze omstandigheden op een paar vierkante meter 24/7 bij elkaar zijn, vraagt om een topconditie van lichaam en geest. We doen beide ons best en laten natuurlijk hier en daar wel eens een steekje vallen en roeien met de riemen die we hebben en beseffen: achter de horizon schijnt altijd de zon!
Middags komt de Volvo-dealer naar het haventje om persoonlijk zijn excuus aan te bieden en vertelt ons het volgende droevige nieuws: de kop moet worden vervangen, maar uhhhh… “die hebben we niet in stock. Maybe tomorrow or next week…” Het ding moet uit België komen!!
Ggrrr…. er zit niets anders op dan het onszelf maar weer eens gezellig te maken. Toch niet echt vervelend 😉 We huren de volgende dag een autootje en rijden naar Coimbra. Het voelt apart om na drie maanden weer achter een autostuur te zitten. We genieten van het landschap en de dorpjes waar we doorheen rijden. En alweer bezoeken we een prachtige stad. Studenten studeren af en lopen in Harry Potter-achtige kostuums door de smalle straten. We bezoeken een grote kerk waar het wijwaterbakje een reuzenschelp is. Het wijwater is verdampt. In de oergezellige straatjes zien we winkeltjes die in Nederland al sinds 1970 niet meer te vinden zijn: fournituren, schoenlappers, prachtige stoffen, kleine kruideniertjes. Kleine etalages met hoeden en petten of ondergoed uit het jaar nul. Het is een lust voor het oog! We sjouwen rond en merken niet dat we vermoeid raken.

 

 

 

We rijden weer verder en een bord langs de weg kondigt een kasteel aan. Das leuk! Weer eens iets anders dan een kerk 🙂 . De toegang met de auto is 12 euro, dus gaan we lopen. Het kasteel ligt op de top van een berg en blijkt hiermee de 3km toch een flinke afstand te zijn. Eenmaal boven worden we verrast door een sprookjesachtig klein kasteeltje. Secuur gebeeldhouwde figuren sieren de gevel. Op een plaquette bij een oude boom lezen we dat de Engelse Lord Wellington hier graag op bezoek kwam. We besluiten naar binnen te gaan. Voor ons loopt een echtpaar met hetzelfde plan. Deftige mensen, dat kun je zien aan hun kleding. Wij vallen hierbij toch aardig uit de toon met onze korte broeken, T-shirts en rugzak. Maakt niet uit: we zijn zeilers!
Binnen is het een chique boel waar in de foyer het personeel op gedempte toon converseert. Het deftige echtpaar loopt door. Kennelijk hebben ze het hier in de grote hal al snel gezien. Ik maak wat foto’s van de indrukwekkende muurversieringen en een afbeelding van de Lord die vaak op bezoek kwam. Van de sprookjesachtige trap krijg ik een soort van waandenkbeeld dat ik daar in baljurk naar beneden schrijd. Nog nooit zoiets moois gezien! Dan opeens is daar de man die ons vriendelijk vraagt of we gasten van het hotel zijn. “Hotel? Dit is toch een kasteel?”, vraagt Hans? Ondertussen doe ik alsof ik geen engels versta en neem nog wat foto’s. “Ja klopt”, hoor ik de man zeggen, “maar nu in gebruik als hotel en niet toegankelijk voor mensen die geen kamer hebben.” Of we maar weer snel even willen vertrekken. Ik glimlach vriendelijk en Hans is de onschuldige zelf. We staan weer buiten.
Het is een prachtige dag. Tevreden rijden we terug en parkeren onderweg de auto bij een grote supermarkt: even proviand inslaan. Wel zo makkelijk nu we een grote laadbak hebben!

 

De dagen kruipen voorbij. De Maaike-Maria is een aantal dagen geleden weer vertrokken. We pakken Dirk en tuffen door een minisluisje richting Aveiro om daar in de kanaaltjes te doen wat de vele toeristen ook doen: geveltjes bekijken. Het verschil tussen de andere toeristen en ons, is dat zij in een gondel zitten met een vaste route en daar toch aardig wat euro’s voor moeten wegleggen en wij ons eigen tempo en route kunnen bepalen. Het is een leuke tocht en zoals ook met zeilen het geval is: alles ziet er zoveel anders uit vanaf het water dan vanaf de wal. Zo komen we ook tot de ontdekking dat we gratis fietsen kunnen gebruiken. Dit is een service van Aveiro aan de toeristen. Goed plan!

 

De volgende dag klimmen we op de gammele vehikels. Remmen zullen we met onze schoenzolen moeten doen en bellen wordt vervangen door een zelfgeproduceerd luid klinkend “Klingeling!!”. We fietsen langs de rivier en zien grote oesterbanken. Restanten oesterschelpen liggen op het strand, een enkeling schraapt venusschelpen uit de drassige oevers en legt ze in het karretje van zijn Zundap. Verderop zien we vissers aan het werk en we gaan een praatje maken. Eens kijken hoe ze dat doen! Een van de mannen waad in een grote waterdichte overall door het water naar de bank en komt met een zak vol oesters terug. Het zijn een stel leuke mannen die ons graag over hun werk vertellen. Er wordt zo’n 2000kg per dag gevist. De kleine schelpen gaan terug naar de bank en de grote worden in bakken verzameld. Het is grotendeels voor de export naar Frankrijk. Op mijn vraag of ze ook zelf oesters eten wordt lachend geantwoord. De een lust ze maar al te graag en de ander griezelt er van. Dan wordt me uitgelegd hoe je een oester moet openen en eten: eerst wel in citroensap drie minuten laten weken en dan naar binnen slurpen. Ik denk aan de keren dat ik oesters at, maar ze niet drie minuten in citroen had laten weken. We krijgen een vol maal mee naar huis. Wel 18 stuks!! Dat wordt smullen!! En inderdaad: besprenkelen met verse citroensap en drie minuten laten intrekken. Werkelijk heerlijk!!

 

Het lange wachten wordt dan eindelijk beloond en de nieuwe verstuiver wordt door de zeer vakkundige monteur Paul geplaatst. We starten de motor en ohhhh!!! Hij zoemt als een bijtje op een zomers bloemetje!! Geweldig! Dankbaar zwaaien we Paul uit en ploffen even in de kajuit neer. “We gaan naar Nederland”, zegt Hans. Het broeden op dit ei heeft ongeveer een week geduurd, maar nu heeft hij het ei gelegd. We gaan onze tassen pakken voor het vertrek naar Nederland, want daar wordt feest gevierd: Hans zijn zus Yvon bereikt een prachtige leeftijd en dat kunnen we niet zomaar voorbij laten gaan! En een feestje na al deze ellende kunnen we wel gebruiken. “Zoek jij een hotel dicht bij het vliegveld van Porto, dan ga ik nog even een klusje doen”, zegt Hans.

Ik zoek en zoek, en alle dichtstbijzijnde hotels blijken volgeboekt. Dan maar een hotel iets verderop. Het wordt Motel Habana ergens in een buitenwijkje van Porto. Het is al donker wanneer we door de taxichauffeur voor een luxueus aandoend complex worden afgezet. We zoeken de receptie, maar zien niets meer dan een geblindeerd raam met een soort van brievenbus eronder. We zijn toch wel goed? “Heb jij dit gereserveerd??”, vraagt Hans met enige ironie in zijn stem. Nou ja, op de website zag het er goed uit! ik tast met mijn handen de soort van vensterbank af waar de brievenbus in ligt en vind een knop.
“Goodeveningggkk..”, komt er uit de brievenbus. “Wat is dit??”, vraag ik aan Hans die zijn leven lang al over de aardbol zwerft en talloze hotels heeft bezocht. “Geen idee!”, zegt hij. “Yeszz pleasszzee??”’ komt er weer uit de brievenbus. We krijgen het door: er is geen receptie zoals we bij een hotel gewend zijn. Hier is het gewoon een pratende brievenbus. We melden dat we voor 1 nacht hebben geboekt en laten onze paspoorten zien. De brievenbus slurpt ze op en ik vraag me af of we ze ooit nog wel terugzien. Dan vraagt de stem om 65 euro. Ik geef het in contanten en de paspoorten komen terug. De stem zegt waar we moeten zijn: hier door de slagbomen en dan de garage in. We zien dan vanzelf onze kamer. We lopen een taluud af en zien een soort van smal straatje met links en rechts garagedeuren. een daarvan staat open en is nr 131, onze kamer. We gaan naar binnen en de deur sluit zich. In de hoek van de garage zien we een trap. “Dit is geen gewoon hotel schat!”, zegt Hans en wanneer we boven zijn heb ik het vermoeden dat hij gelijk heeft. Een poster met een gladde blote damesrug versierd de voordeur van onze kamer. Eenmaal binnen wordt het duidelijk: hier komen spannende afspraakjes tot leven. We hebben dikke pret en inspecteren de kamer op properheid en kunnen geen vuiltje ontdekken. Prima hut en veel luxe. Wat zullen we knorren! Nederland: here we come!!

 

 

En dan de volgende oproep!!

We zoeken een geïnteresseerde ervaren zeiler die vanaf de eerste week januari 2017 met ons de Atlantische oceaan wil oversteken. We varen vanaf de Kaapverdische eilanden naar Suriname. Heb je belangstelling en wil je meer informatie? Stuur dan een e-mail naar hanssomers@live.com

 

Translate »