#sailinglife

(her)ken je dat?

 

ken je dat? Opeens krijg je een boodschap dat je mooie leventje niet langer is dan wat je dacht dat het zou worden? Ken je het zelf? Ken je het van nabij? 

Misschien is onderstaande een metafoor voor al je (mijn?) heimelijke wensen en gedachten. Misschien is het gewoon precies zoals het er staat. Lees en herken het metafoor voor jezelf. Kies!

 

Ken je die momenten dat ondanks dat je alle zeilen hebt bijgezet, je naar je gevoel geen spetter vooruit komt? Dat de wind tegen je zin in, zich te ruste legt? Dat het wachten op een herstart te lang duurt naar je zin, maar je ook de diesel wil sparen om deze op cruciale momenten te kunnen inzetten? Die momenten van wachten op dat ene? Dat ene hele belangrijke? Voor NU dat ene hele belangrijke? Al het andere vergeet je. De lijst met To-Do is niet meer belangrijk, het gaat zo ook wel. De zoveelste koffie of gemberthee smaakt niet meer en de toch al zo gelijkmatige gesprekken met je partner verstommen. Je tuurt voor je uit in de hoop dat ene belangrijke te zien aankomen: de wind. Maar ze blijft uit. Je scharrelt nog wat heen en weer in de kuip en in de kajuit. Je pakt het boek waar je een paar dagen geleden aan bent begonnen maar niet verder kon lezen omdat je nog zo veel te doen had. Voordat je het weet heb je drie bladzijden omgeslagen zonder dat je je kunt herinneren wat je hebt gelezen. Je gedachten dwalen af naar die prachtige momenten die je hebt beleefd. Zeldzaam mooi. Je hebt er nog loepzuivere beelden bij ook! Je wil ze vasthouden en nog eens beleven. Nooit meer loslaten en wel vier maal de aarde omzeilen om het thuiskomen uit te stellen.

Ondertussen klotsen de zachte golfjes ritmisch en voorzichtig tegen de romp van het drie centimeter dikke polyester dat je beschermt tegen ten onder gaan naar die vierduizend meter diepe oceaan. En het is niet meer dan dat. Drie centimeter verwijderd van een onmetelijke ruimte waarvan je zomaar een aanval van agorafobie zou kunnen krijgen. Eén kleine venijnige tik van een obstakel die de polyester huid doorboort en het zoute nat kolkt naar binnen. Jij nietig mens, nietszeggend mens, nietsbetekenend mens, jij vergaat. Je huid lost op gelijk als een etiket van een glazenpot die in de gootsteen ligt te weken. Flarden huid maken dwarrelend een spoor en laten je geloven dat die ene mens je hierdoor nog zal kunnen vinden. Je wordt aangetikt door een schepsel van de oceaan en niemand weet dat jij daar stukje voor stukje geruisloos in je graf verdwijnt. Ook je partner aan boord niet, want die is hetzelfde overkomen.

Je schudt deze gedachten van je af. Het zeilen kent immers ook zoveel andere kanten.

Je dobbert, je schip dobbert, je partner dobbert, je gedachten en verlangens dobberen in afwachting van die begeerlijke wind. Die wind die danst, die het wand omtovert tot muziekinstrument, die de zee opzweept naar torenhoge golven. Golven die schuimbekkend, likkend en hijgend jou achterna jagen, je willen grijpen en je willen overweldigen met hun natte zoute moleculen. 

Je schudt je hoofd. Onbegrijpelijk vind je het dat je gedachten telkens maar één kant op gaan. De kant van het onbekende, het meest angstaanjagende scenario. En toch zoek je het op. Je zoekt die spanning. Je wil je grenzen aftasten en ze uitdagen. Je grenzen verleggen en niet alleen voelen, maar zeker weten dat je een winnaar bent. Onovertroffen jij. Jij de held, de machtige. Machtiger dan dat ongrijpbare zoute nat. Jij zeezeiler, de niet wetende dat je zelf het grootste gevaar voor jezelf bent.

De zon trekt langzaam richting de golven en de geluiden die uit de kombuis komen verraden dat zonder dat je het wist, de tijd aan je voorbij is getrokken. Je lijnt je aan en roept naar beneden dat je nog even het dek en de genua inspecteert. Een dagelijks ritueel en klusje van niks, maar eigenlijk ook deels een excuus om je nog meer met die geheimzinnige op z’n prooi wachtende oceaan verbonden te voelen. De wind zwelt aan en klinkt hier op het voordek anders dan in de kuip. Helder en doordringender. Dieper je oorschelp in, niets ontziend in opmars je trommelvlies passerend richting je hippocampus om daar van al deze zintuigelijke waarnemingen een voor eeuwig blijvende afdruk op te slaan. Je voelt je voor altijd verbonden met al deze natuurlijke krachten en wil nooit meer iets anders. Jij en je fantastische schip zijn immers overwinnaars. Samen heb je herinneringen opgebouwd. Niets kan jullie doen ondergaan en voor de tijd die jou nog is gegund, zul je voort varen.

 

 

Met veel mooie herinneringen aan fantastische en heftige tijden nemen we afscheid van SY Isabella. Ze ligt te koop. Klik op onderstaande link en beeld je in dat jij de volgende kapitein bent samen met je bemanning/partner ook zulke mooie avonturen zult beleven.

Elise

 

https://www.uwjachtmakelaar.nl/zeilboot/157616/najad-390/

 

 

 

 

Zwerversbestaan

zie ook de teksten onder de foto’s

 

 

er is vast weleens een moment in je leven geweest dat je droomde van een zwerversbestaan. Het ongebonden, vrije leven waarin je kunt gaan en staan waar je wilt. Geen wetgeving die op jou van toepassing is, geen adres waar de overheid zijn bekeuringen naar toe kan sturen, geen verplichtingen om je stoepje schoon te houden. Vrijheid – blijheid.
Zodra je plannen maakte in die richting stuitte je op praktische problemen, want ja… er moet toch money in the pocket zijn en blijven. Dan maar flink sparen, je baan opzeggen en voor een paar jaar de deur uit. Fuck-You-Money, las ik laatst in het NRC, maar dan bedoelt voor je mooie reisjes. Prachtig. Huisje verhuren of huur opzeggen en tra-la-la, het feest kan beginnen. Bij voorkeur met een zeilboot natuurlijk.

Waar gaan we naar toe?

Deze vraag geeft al aan dat het plan niets met het zwerversbestaan te maken heeft. Het is een georganiseerde vrijheid, een gepland zwerversleven met bestemmingen en toch ook wel al die ‘noodzakelijke’ zekerheden en luxe. We zijn rijk als we ons plan kunnen vormgeven, onafhankelijk hoeveel money er dan wel in die pocket zit. De een heeft genoeg aan 1000 euro in de maand en de ander kan nog niet van het dubbele rondkomen. Creativiteit moet wel een beetje in je zitten.
En als je dan eenmaal onderweg bent, de navigatie instrumenten opdracht hebt gegeven waar de koers naar toe is en nieuwe gebieden ontdekt, dan is het bijna onmogelijk om niet te zien en te beseffen hoe goed wij het in Nederland hebben.
Nederlanders, ‘waterlanders’, klagers over hoe slecht we het hebben en onze rijkdom zien vervliegen doordat ‘The Money’ wordt verdeeld over alle inwonenden. Kijken naar hen die het beter hebben dan wij. Dit leer je wel af als je reist naar oorden waar luxe betekent dat je een dak boven je hoofd hebt, waar er gratis medische zorg is, maar je het verder zelf allemaal moet uitzoeken.

 

 

 

Armoede is daar niet iets aparts. Armoede is gewoon en luxe is voor anderen, een ongrijpbaar leven voor de simpele ziel. Liefde voor je medemens opbrengen kun je je als arme zwerver niet veroorloven. Dat kost je mogelijk je leven en de mens heeft een overlevingsmodus in zich die mededogen op zo’n moment niet toelaat.

Liefde voor dieren is al helemaal uitgesloten. Je kunt een hond geen eten geven als je zelf niets hebt. Het is knokken voor je eigen bestaan. Wakker worden en niet weten of je die avond kunt gaan slapen met een gevulde maag.

 

 

 

Het leed van de zwerver vloeit door naar de straathonden. Arme scharminkels die bij eetkraampjes scharrelen en soms geluk hebben en een kruimel droog brood tussen het stof oplikken. Spoorzoekers op straatbarbecues. Traag en schuw naar de mens sluipen in de hoop dat hij een stukje vlees van zijn stokje schuift. De viervoeter is de grens gepasseerd en in de zone van de etende mens gekomen. Dan zien dat de mens het arme beest in z’n neus knijpt, hartelijk lacht om zijn misselijke grap en door de spleetjes van zijn ogen kijkt of zijn buurman wel meelacht. Piepend rent het ongelukkige beest weg. Een verontwaardigd “Hé jij!” roepen helpt niet. Klootzak.
De honden zoeken elkaar op: vind jij iets, dan heb ik ook kans op een stukje. Kom je te dichtbij? Dan verdedig ik met opgetrokken lip mijn territorium.

 

 

Maar het is voornamelijk de voortplantingsdrift en de leider van de groep willen zijn, dat honden bij elkaar scharen. Reuen die met een meter tong uit hun bek hijgend achter een loops teefje dribbelen in de hoop dat ze haar staart opzij legt. Even een momentje van genot en het teefje zit met een groot probleem: hoe krijgt ze haar jongen gevoed? Het zijn dan ook meestal de teefjes die er gehavend, schurftig, broodmager en suf bijlopen. Stuitend vind ik nog steeds de drie honden die ik in Cuba, Havana tegenkwam: een kruising tussen een varken en een hond. Wat is hier gebeurd? Was hier een ziekelijke menselijke geest aan vooraf gegaan, of heeft de reu zich vergist? Blind van de wormen en een aangetast reukorgaan? Het is me een raadsel. (zie tekst onder de foto’s)

 

 

En tussen al dit leed wordt er gewoon doorgefokt. Kleine wollige mormeltjes die meer weg hebben van een knuffelbeest met batterij, worden opgepropt in een kooi op de markt verkocht.

 

 

 

Kansloze honden waar de wereld vol van is. Honden die ook behoefte hebben aan een knuffel en een helpende hand. En moet jij eens kijken hoeveel liefde je daarvoor terug krijgt!

En?…. nog steeds zin in een zwerversbestaan? Of toch maar liever die relatief rijke Nederlander zijn?

 

 

Union Island

 

 

Nu mijn grote fan Marion, de zus van Hans, ernstig ziek is besluiten we terug te gaan naar Nederland. En wel veel eerder dan in eerste instantie gepland. Een zeilreis onderbreken doe je niet zomaar. De afweging is of het wel verstandig is om op dit moment tijdelijk te stoppen / of dat de één terug gaat en de ander aan boord blijft en natuurlijk ook: wanneer zeilen we weer verder? De verwachte weersomstandigheden spelen bij deze beslissingen een grote rol. Maar goed… we kunnen blijven wikken en wegen: we moeten vooral nu verder zeilen.

We zetten koers naar Curaçao, daar zal Isabella onder toeziend oog van Robbie, de havenmeester, een poosje logeren. Op weg hiernaartoe ankeren we bij Union Iland en verkennen de kuststrook.

 

Een schooltje gaat uit en wat nieuwsgierige kleine kinderen zwermen om ons heen. Een paar meisjes giechelen wat verlegen als ze mij een paar foto’s zien maken. Eén meisje lijkt de mogelijke ontdekking van haar talent niet te willen missen en vraagt of ze mag poseren. Als een volleerd fotomodel neemt ze met haar nog schriele beentjes allerlei posities in. Schattig om te zien.

 

 

We sloffen verder en na me vergaapt te hebben aan een paar azuurblauwe oorhangers gevolgd door mijn weinig betrouwbare overtuiging dat ze me toch niet zullen sieren, pakken we de Dirk en tuffen terug naar Isabella. Ik heb nu al spijt dat ik ze toch niet gekocht heb. Ach… je moet toch iets hebben om over te kunnen dromen? 😉

We hebben alweer een heel gezellige avond met Powel en Marjolein van SY Gwelan en er worden nieuwe plannen gesmeed: New York is het doel!! Dat zal wat zijn om de Hudson op de varen en het Vrijheidsbeeld langzaam groter te zien worden! Zal ons dit niet het ultieme gevoel van vrijheid bezorgen? Mij in ieder geval wel! Ik verheug me er nu al op!

 

 

De nacht valt en liggend in mn kooi bekruipt mij een ongelukkig gevoel door het besef van het tijdelijke van deze reis. Hoe geweldig zou het zijn om almaar te zeilen – te zeilen – te zeilen en nieuwe landen te verkennen, nieuwe grenzen. Grenzen van het water, de golven en voornamelijk die van mijzelf.

De volgende ochtend lichten we het anker en zwaaien (voorlopig?) voor een laatste keer naar SY Gwelan: “Dag lieverds!! Goeie vaart!!” Gevolgd door een opgewekt “Joehoeoe!!” van Marjolein.
Daar in de verte achter de horizon en drie dagen en nachten zeilen ligt Bonaire, onze volgende ankerplaats. We krijgen alweer een welkom bezoekje van Dolfijnen en dan opeens worden we opgeroepen door de Coast Guard. Dit verhaal staat in Zilt en heb je inmiddels al kunnen lezen. Wat zal Bonaire ons brengen?

 

 

Wennen

 

WENNEN

 

Het is niet de eerste nacht dat ik wakker word met de gedachte om het vliegtuig terug te nemen naar Nederland. De jubelstemming van de thuisblijvers over onze prachtige reis begrijp ik maar ten dele. Hier zijn we dan: aan de andere kant van de oceaan van huis en haard verstoken op een schip van 12 meter 24/7 boven op elkaars lip. Door het dekraam zie ik de sterren deinen en ik corrigeer mijn waarneming vrijwel direct: het is Isabella waarmee we voor anker liggen en ze deint zachtjes mee op de kalme golven. Welke andere sterveling op aarde ligt er nu vanuit zijn ommuurde bed naar de sterrenhemel te kijken?

Mijn gedachten dwalen af naar mijn huisje, mijn haard en mijn tuintje met de stille vijver waar ’s-avonds de kikkers door het riet scharrelden en af en toe iets van zich lieten horen. Ik denk aan het sleutelgat van mijn voordeur waar ik mìjn huissleutel in stak. Mijn coconnetje, mijn rotsvaste scheepje van steen, mijn veilige haventje. Gordijnen dicht en genieten van de voldoening van een dag hard werken met- en voor zieke mensen. Nu tuur ik naar de sterren en het lichte schijnsel van de maan in eerste kwartier en denk aan onze zeiltocht over de atlantische oceaan met zijn prachtige golven met daarin weer kleine golven en golfjes. Wat hebben ze ons te vertellen? Weten zij waar we naar toe gaan en wat de toekomst ons brengt? Weet ik zelf wel waar ik naar toe ga? Welke toekomst er voor me ligt? Wie ben ik? Wie is Hans eigenlijk?

 

 

Soms doemt er een vreselijk scenario op die me onrustig maakt en voel me als een haas in een open veld dat opgejaagd wordt door blaffende honden en paardenhoeven in galop. Af en toe wordt er een schot gelost en er lijkt geen einde te komen aan het onbeschutte veld. Ik struikel nog net niet over een greppel en weet op tijd een sprong te maken. Alweer hoor ik een schot! Oef! Net op tijd aan de overkant!
De associatie met onze pittige discussies en het jachtveld, laat me spontaan grinniken. Hans is nu ook wakker en vraagt wat er is. Ook al is het nacht; ik kan het niet nalaten om bij hem te exploreren hoe hij deze reis tot nu toe ervaart en met name hoe hij onze relatie ziet, maar hij heeft wel iets anders aan zijn hoofd. De vraagtekens rondom de werking van de Iridium-Go houden hem uit zijn slaap. De spreekwoordelijke ‘boom’ op zetten kan ik op dit tijdstip vergeten. Het is een slechte timing van mij om onderwerpen als ‘verleden, heden en toekomst’ aan te snijden, laat staan die bepaalde karaktereigenschappen van ons. Niet alleen verschijnt er een wolk voor het eerste kwartier, ik kan bijna zien hoe bij Hans de ‘donkere wolken’ boven z’n hoofd zich samenpakken. Hij zucht. Die Iridium-Go is nog niet zo eenvoudig als het leek. Ik beantwoord zijn zucht. Is dit nu het romantische tochtje zoals we het ons hadden voorgesteld?

 

 

De vermoeidheid van de overtocht, gespekt door het harde werken op Isabella, slaat toe. Geprikkeld en geïrriteerd door wat de ander zegt en doet, juist niet zegt of juist niet doet, vragen we ons af of we wel verder moeten gaan. Op deze manier is het allemaal niet zo leuk. Geen witte stranden, palmbomen, cocktaildrankjes, zonnebrandcrème factor 100, lazy afternoons en passionele strelingen. In plaats daarvan voelen we ons opgelucht als de ander even van boord is voor een boodschap of een praatje verderop, wordt factor 100 door zweetdruppels van je lijf naar de goot getransporteerd en geef je de ander liever een por dan een zoen. Samen op Isabella is een ware relatietest. Ieder met een duidelijk eigen karakter en een rumoerig verleden. We wijzen elkaar op andere zeilende stellen, waarbij het leven aan boord zo ‘smooth’ lijkt te verlopen. Dat moet ons toch ook lukken?

De dagen vliegen voorbij. De To-Do-List lijkt aardig te slinken en er komen geen nieuwe To-Do’s bij. Dat zorgt voor minder druk en dat is heerlijk. Ik stel mijn dagelijks ‘hebberigheid’ aan ‘een-boom-opzetten-met-Hans’ bij en dat lijkt hij te waarderen. Het geeft rust en daar is weer die wens, dat gevoel van ‘Samen door willen gaan’. We spreken het voor de zoveelste keer uit. De dagen verstrijken en eindelijk is daar de dag dat we weer naar een ander Caribisch eiland zeilen en voor anker gaan. Eindelijk komt die factor 100 uit de kast en voelen we het warme witte zand tussen onze tenen schuiven. Dit is waar we het allemaal voor doen!

 

We raken aardig op elkaar ingespeeld en hoewel ik een ‘aardemens’ ben en nog regelmatig aan mijn stenen coconnetje denk, begint het zeilersleven al wat te wennen. We zijn het met elkaar eens over het feit dat korte afstanden zeilen, dagje land bezichtiging en weer door zeilen, het beste bij ons past. Niet meer haasten, geen lange To-Do-lijsten meer. Het geeft meer structuur en daardoor rust in ons huidige leven. Iets waar we op dit moment beide behoefte aan hebben. De jubelstemming van de thuisblijvers begin ik te begrijpen.

 

 

 

 

 

Translate »