Las Palmas

4 tot 24 nov

 

 

De tocht begint zonder problemen. Het grootzeil staat uit met een bullentalie en de genua met de boom. Er is nauwelijks wind dus gaan we melkmeisje zeilen. Na een uurtje blijkt dit ook geen oplossing. De zeilen blijven af en toe toch nog klapperen en dat willen we niet. De mannen ruimen het melkmeisje-idee op en zetten de zeilen aan stuurboord. Dan maar grote slagen maken en gijpen. We komen er toch wel, over vijf dagen zijn we er.

https://www.youtube.com/watch?v=0y_CXj6CV50&feature=youtu.be

 

Tegen de avond slaat het weer om. De lucht wordt grauwer en de wind zwelt aan en jaagt ons samen met donkere wolken op. Ook de swell neemt toe, en niet te zuinig. Dat ziet er niet florissant uit. De mannen besluiten om te reven en niet van koers veranderen. Die is goed, immers ruime wind. ik duik maar weer eens de keuken in en prijs mijn geheugen om het feit dat ik deze keer niet ben vergeten om een pleister achter mijn oor te plakken.

Voor dat de nacht goed en wel begint, besluiten de mannen dat ik niet met de nachtwacht hoef mee te draaien. “Ze doet al zo haar best in de keuken!”, had Hans tegen Louis gezegd en die beaamde het grif. Had het net zelf ook willen opperen. De mannen zagen wel dat de keukenvloer meer voldeed aan het begrip glijbaan dan aan ‘vlakke vloer’. De swell slingerde mij van het aanrecht naar de navigatietafel en weer terug. Ondertussen probeerde ik de pannen op het vuur te houden, wat dank zij het semi-cardanische fornuis best goed lukte. Louis, een zeiler vanaf het moment dat hij het daglicht zag, herinnerde mij aan de stalen pannensteunen. Twee haken die je aan de rand van het fornuis vastzet en om de pan klemt. Het geheel deint dan op z’n plaats lekker met de swell mee. Nou ja, lekker… Was er voor mij ook maar zo’n soort haak. Bij een volgende klap van de swell glij ik alweer naar de navigatietafel, knal terug en kom met mijn dijbeen tegen de rand van het fornuis. Nu na twee weken is daar nog een vergeelde blauwe plek te zien en een deuk te voelen. Maar goed, er moet eten op tafel komen en dat komt er: een heerlijke pasta bolognaise met verse paprika. Jee… juist op dit soort momenten mis ik een soort van varkenstrog. Zal ik voorstellen om met z’n drieën uit de pan te lepelen? Uhhhh… nou nee, toch maar niet. Daarvoor ken ik Louis nou net weer eventjes niet goed genoeg. Dan de blauwe borden maar uit de kast. “Mannen! Eten is klaar!” De onafscheidelijke vrienden komen uit de kuip naar binnen en ploffen neer op de bank. Weer een golf! De borden glijden over het aanrecht. Ik kan ze nog net vasthouden. Snel schep ik de pasta op, hou me aan de rand van het aanrecht vast en glij met de volgende golf naar Louis. Hij heeft het! Pfff.. Daar komt het tweede bord voor Hans. Dit gaat ook goed. Dan geef ik mijn bord aan Hans en hij zet zich schrap voor alweer een stevige golf. Hij redt het! De twee borden blijven staan. “Kijk uit”, zegt Louis met een rustige stem. Direct aansluitend komt er een enorme toegift op de golf. Met een klap vallen er allerlei spullen van stuurboord naar bakboord en met ontzetting zie ik de rode pasta bolognaise een duikvlucht maken van het bord naar mijn azuurblauwe zeiljack. “OOHHH!!! Hoo!!”, roepen we alledrie tegelijk. Niks aan te doen. Eten opscheppen en beginnen voordat de rest straks op de vloer ligt. Opruimen komt straks wel. Morgen toch maar die trog voorstellen…

 

 

Na de tweede nacht vraag ik me af wat ik hier op het midden van die enorme grote plas doe. “Er is heel veel niets”, zegt Louis die eens wil ervaren hoe het oceaanzeilen is. Vijf dagen en nachten niets. Zo is het, en mijn gedachten gaan richting wat ik anders met deze tijd had kunnen doen. Ik denk aan mijn kids, familie, mijn vriendinnen, herinneringen aan mijn mooie werk en fijne collega’s. Ik mis de patiënten, de drukte, de verantwoordelijkheid en de waardering. Toch is dit leven ook zo mooi en de kans om dit te ervaren samen met mijn lief wint van al het andere.

De dagen rijgen zich aaneen, zonder dat er verandering in het weer, de golfslag en het ‘niets’ komt. Lezen lukt maar matig en achter mijn laptop waag ik me maar niet. Bang dat het ding ook door de lucht zal zwiepen.

Dat mannen over ‘Mars’ onderwerpen praten wist ik, en dat ze net zo veel praten als vrouwen dacht ik al en krijg daar nu de bevestiging van. De mannen hebben elkaar gevonden in het uitwisselen van zeilervaring, zeiltechnieken, zeilverhalen, kennis van apparatuur aan boord en ga zo maar door. Technisch allemaal, dat wel. Echt ‘Mars’ dus 🙂 Ik luister en pak er van mee wat ik snap, wetende dat ik het de volgende dag vast niet meer kan reproduceren. Echt ‘Venus’ dus 🙂 . Het is mooi om te zien hoe de twee vrienden deze overtocht maken en ik zie dat de vriendschap almaar hechter wordt. Louis spreekt het ook uit: “Goh Hans, wat is het goed om jou als vriend te mogen hebben!”. Hoe mooi is dit om te horen en ik zie dat Hans een meter groeit 😉

(hieronder de link naar onze YouTube film)

https://www.youtube.com/watch?v=JBpg6DNz3lM&feature=youtu.be

 

Dan is het 8 november en pak ik na de afwas het zelfrijzend bakmeel, de appels en alle andere ingrediënten die nodig zijn voor de appeltaart. Hans is morgen jarig en ik wil hem verrassen, maar hoe verras je iemand met een zelfgebakken taart aan boord van een 39ft-er? Ik zeg gewoon niets en ga m’n gangetje, maar Hans merkt toch iets ongewoons en vraagt wat ik aan het doen ben. Gouden munten voor zijn gezicht! Zo verrast is hij! Heerlijk om te zien! Na een uurtje kijk ik eens in de oven hoe het er voor staat met de taart. Ik zie niets anders dan de weerspiegeling van mijn gezicht in het raam van de oven. Daarachter is alles donker: lege gastank! Ik vraag aan Hans of hij de gasfles wil omwisselen. “Morgen schat, het is nu donker”, zegt hij vrolijk. Dit wordt dus een afbaktaart. Het brengt ons wel op het idee om voor lange overtochten te zorgen dat er een volle gasfles is aangesloten. Goed plan! De volgende ochtend is de taart klaar, zingen Louis en ik “Lang zal je leven”, pakt Hans zijn verjaardagskanootje uit (potje Rabarber) en blaast de kaarsjes uit.

 

 

“Lief, kom eens kijken! Land in zicht!”. Ik klim naar de kuip en zie in de verte grijze heuvels, die als je niet beter zou weten, ook regenwolken hadden kunnen zijn. Het doet me denken aan toen we na vijf dagen en nachten dobberen op de Golf van Biskaje, voor de kust van Viveiro uitkwamen. Heerlijk! Daar ligt Isla Graciosa, volgens insiders een prachtig eilandje. Wanneer we dichterbij komen zie ik resten van vulkanen en grijze massa’s. Geen streepje groen te ontdekken. In de verte liggen wat hutjes tegen een berg aangekleefd. Is hier wel een dorpje? We gooien het anker uit, de mannen nemen een biertje en ik duik de keuken in. Daarna: rust!

 

De volgende morgen wordt er aan de romp geklopt. Het is een Nederlands stel, Peter en Miriam van SY Enjoyster. Of we weten dat het roerblad van de windvaan is gebroken? Nee toch? Jawel! Zucht!! Alweer een klus! We babbelen nog even en dan vragen ze of we ook van Dorade houden. En of we daar van houden. Diezelfde middag brengen ze drie prachtige moten vis aan boord en smullen we daarvan dat het een lieve lust is.
Hans kijkt naar het roerblad. Het ziet er niet goed uit. Het ding heeft een knik van 90gr. Hij zaagt het blad af op de breuklijn en vertelt Louis hoe hij dit gaat oplossen. De mannen zijn het er over eens dat het een oude breuk betreft die niet goed is gerepareerd. De breuk houdt de mannen aan het denken en wat we nu nog niet weten is dat de klus veel dagen, kracht en energie in beslag zal nemen en na twee weken klussen gerepareerd zal zijn.

Dan wordt er weer aan de romp geklopt. Dit keer is het een jong stel uit de USA. Ze komen ons de groeten brengen van Henk&Tineke van SY Zanzibar. Wat leuk!!! Het stel maakt een wereldreis en hebben de filosofie dat ‘werken altijd nog kan‘. Tja… als alles zo makkelijk zou zijn…

 

De volgende dag verkennen we Isla Graciosa en vinden een paar aaneengeschakelde witte huisjes met hier en daar een palmboom voor de deur. Het doet me denken aan vakantiebrochures van arabische landen. Op een aantal restaurantjes na en een supermarkje zo groot als een doorsnee woonkamer, is er niets. Een telefoonchip voor internet is niet te koop. Hans ontdekt wel een icecream kraampje en we vallen weer eens aan op dit koele zoet.
Wanneer we terug lopen naar Isabella die tussen andere schepen weer mooi ligt te zijn, zie ik op een berg prachtige lijnen van een oude lavastroom. Eb zorgt er voor dat het onderwaterleven zich laat zien en gretig maak ik van al dit moois een aantal foto’s.

 

 

 

 

We halen het anker weer op: Las Palmas is het doel. Daar vertrekt op 20 november de ARC, een georganiseerde zeiltocht naar St. Lucia, het Caribisch gebied. Meer dan 200 schepen nemen deel aan dit spektakel en dat willen we niet missen. Het is een volle dag en nacht zeilen. Wanneer om zes uur ‘smorgens de mannen liggen te ronken, geniet ik van de zonsopgang.

 

Even later zie ik gefladder naast het schip. Het lijkt het gefladder van een vleermuis en nadert het achterdek om te landen op de grootschoot. Ik kijk en zie twee donkere kraaloogjes van een piepklein musje. Hoe is het mogelijk dat dit kleine diertje zo ver uit de kust is? Geen land te bekennen! Het beestje kijkt en zie ik het nu hijgen of niet? Nee, ze gaapt. Het lieve diertje hipt de kuip in. Wat jammer dat ik mijn fototoestel nu niet hier heb! Ze komt op mijn mouw zitten, kijkt me aan en negeert de snippers cracker die ik zojuist voor haar had verkruimeld. Dan hipt ze naar het raam van de buiskap, maar niet voordat ze een poepje op m’n mouw heeft achter gelaten. Ze fladdert weer terug naar het achterdek en even zo vlug als ze is gekomen, verdwijnt ze weer. Wat jammer! Hoe leuk zou een huisdiertje zijn! De mannen zijn er van overtuigd dat ik heb gedroomd en kijken wantrouwend naar de vlek op m’n mouw. Even later ziet Louis het diertje ook, maar ze komt niet meer terug aan boord. Waar zou ze nu zijn?Wanneer we naar de ankerplaats bij Las Palmas varen, hoor ik achter Isabella een zacht geronk. Ik kijk om en kijk in de lachende gezichten van de bemanning van SY Zanzibar. “HEEE!!!”, roep ik verrast. Wat is het ontzettend leuk om deze lieve mensen weer te zien. Twee keer hebben we elkaar ontmoet op de vertrekkersdagen vorig jaar november en dit jaar april. Al die tijd hebben we contact gehouden, hebben ze ons gebeld toen ze zagen dat we na vijf dagen dobberen op de Golf eindelijk aan wal lagen. Dat deed ons erg goed!

We gooien het anker uit en dan komen ze eindelijk aan boord. Het is een warm weerzien en we kletsen een paar uur over van alles tot nu toe.
De volgende dag gaan we als vrouwen van de yachts naar de stad, op zoek naar praktische zaken voor aan boord, zoals borden met een opstaande rand. Het worden twee plastic kommen met deksels, een anti-slipmatje voor op tafel en drie afwasborstels, want die zijn in heel Spanje en Portugal nergens te koop. Ook pindakaas, Indische producten en drop zijn artikelen die je echt vanuit Nederland moet meenemen. We wisselen onze ervaringen als vrouw aan boord uit en hebben het over ‘blauwe’ en ‘roze’ taken, oftewel typisch mannenkarweitjes en vrouwenkarweitjes. Onze meningen komen overeen en het stelt me gerust dat ik niet de enige vrouw ben die bar weinig van technische zaken weet.

 

Dagen vliegen voorbij, Louis is weer terug naar Nederland (en heeft beloofd een stukje over zijn ervaring aan boord voor deze website te schrijven!), de ARC vertrekt en de dag daarna vertrekt ook de Zanzibar alweer. Wij blijven nog even hier in Las Palmas, waar elke dag wel een aantal jonge mensen komt vragen of ze mee mogen varen naar ‘de overkant’. We hebben nog wat tijd nodig, zodat Hans de enorme klus rondom het roer van de windvaan kan afronden. Als bij het zetten van een heupprothese heeft hij ‘de huid’ van het roer opengelegd en een RVS buis door de bestaande RVS buis geschoven en deze nog eens extra met twee RVS platen vastgezet. Daarna ‘de wond’ met epoxy afgedicht. Zoals het hier staat, klinkt het snel en eenvoudig, maar hij heeft er vijf dagen hard aan gewerkt. Topprestatie! Helaas is hierbij zijn lievelingsschroevendraaier, die hij al meer dan 40 jaar heeft, in het water geplonsd. Echt heel zuur!
Morgen het roer weer terugzetten aan de windvaan, inkopen doen voor 65 dagen, ergens koffie drinken om te kunnen internetten en ons voorbereiden op een 8-daagse overtocht naar Kaapverdië. Wanneer we vertrekken? Vermoedelijk as maandag en zijn dan 8 dagen en nachten op zee. Hoe dat verloop?

 

Hou ons in de gaten op de site van Zilttewereld.nl of: vesselfinder.com (Gebruiksvriendelijk! en zoeken op isabella of met ons MMSI) of: marinetraffic.com (eigenlijk best wel gebruiksonvriendelijk)

Wil je het recept van de appeltaart? Kijk even verder in ‘De Kombuis’.

Tot snel!