Viva la España

Het weer is goed, de temperatuur begint langzaam op te lopen, hoe zuidelijker we komen, hoe behaaglijker het wordt. Zo behaaglijk zelfs dat ik besluit om ook eens een duik in het zeewater te nemen. Langzaam glij ik van het trapje richting blauwe zee en voel met mijn voeten hoe warm het water is: KOUD!!! Hans roept dat het water heerlijk is en ik me er gewoon moet in laten vallen. Dat lukt niet, al vanaf mijn kindsjaren niet. Herinneringen aan het betonnen zwembad in Grave dat gevuld was met Maaswater, spelen weer op. Koud-koud-koud!!! Het lukt niet om ‘door-te-komen’ en van het prachtige helderblauwe water te genieten. Ik klim maar weer aan boord en benijd Hans die wat blaast en proest, maar toch een rondje Isabella zwemt. Dan kom ik op een idee: “Laten we met Dirk naar het strand varen, dan kan ik langzaam het water inlopen! Dat is waarschijnlijk aan de oever minder koud dan hier vanaf Isabella!.” Hans vindt het een goed idee en zo gezegd-zo gedaan: eindelijk duik ik de zee in!!

Het is weer tijd om door te varen. We zetten koers richting de ria bij Cangas. Het is daar waar we voor het eerst in al die weken weer Nederlanders tegenkomen: de bemanning van Rhapsody!! En wat blijkt: ze hebben ons op de AIS gezien en hun vertrek uitgesteld om ons te ontmoeten! Zeilersfriendship!! Gezelligheid kent geen tijd en natuurlijk kwamen ze een borrel drinken op Isabella. We kletsen uren over wederzijdse ervaringen en de berichten die we horen stellen ons gerust! We doen het zo slecht nog niet! Na een boel gezelligheid namen ze tegen donker weer afscheid en tuften ze terug naar hun prachtige schip!
Medezeilers uit Nederland ontmoeten is super leuk! Ervaringen delen en merken dat je niet alleen staat in je avontuur is wat je toch ook nodig hebt wanneer je samen op een grondgebied van 12 X 3.5 m vertoeft. Handige tips uitwisselen (bemanning Rhapsody) en er achter komen dat je elkaar ooit ergens in Engeland ook al bent tegengekomen (bemanning van Bonnefooi), of zomaar eens bellen hoe het met je gaat (bemanning Zanzibar) en motorhulp krijgen en ook nog eens een heerlijke maaltijd toe (bemanning Maaike Marie). Het is allemaal dierbaar en doet ons zo goed en wat we terughoren: het doet de anderen ook goed. Je streeft hetzelfde doel na en bent en blijft landgenoot.

 

We gaan vanuit Cangas met de ferry op ontdekkingstocht naar Vigo, die enorme wereldstad hier in Spain. En niets viel zo tegen dan deze enorme blokkendoos met marmeren en betonnen straten. Het is druk en weinig historie. De oude binnenstad is klein en niet veelzeggend (of hebben we dan toch iets gemist?). De historische bezienswaardigheid is een park dat boven op de hoogste berg van Vigo ligt. Het zijn drie enorme grote ankers, overgebleven van een zeeslag tussen de Spanjaarden, Engelsen en Nederlanders. De Spanjaarden hebben de zeeslag gewonnen en het Hollandsche zilver en de ankers als bewijs meegenomen. Het park biedt een enorm mooi uitzicht en daar genieten we dan weer van. We gaan eerder terug naar Isabella dan gepland. Prima!

De volgende ochtend staat een zeiltochtje naar Vigo gepland: daar is de diesel goed en kunnen we weer eens een wasje draaien. Fijn om zo eens in de 10 dagen een schone handdoek te hebben 😉 . We maken alles klaar voor vertrek naar de overkant van deze brede ria. Hans gaat het anker ophalen en start alvast de motor.… start alvast de motor…. Het is weer zover! De motor laat het alweer afweten!! Het enige geluid dat we horen is een vreselijk snerpend geluid dat lijkt alsof 2 metalen over elkaar schuren. We kijken elkaar vol ongeloof aan en er volgt een grote zucht met in koor een verbazend “WAT NOU WEER??!!” Direct volgt Hans met zijn conclusie: “Ik weet het al, het is de startmotor!” Hans vertelt dat hij nog zó aan de cursusleider van ‘EHBO bij motorpech’ had gevraagd of het wijs was om de 25 jaar oude startmotor te vervangen. De technicus had verzekerd dat dit absoluut onnodig was. Vol vertrouwen zijn we dus op pad gegaan en tja: alles heeft zo’n zijn levensduur. Ook een startmotor. Hans pakt een hamer en slaat een paar keer op de startmotor, start nog een keer de motor, maar het geronk blijft uit. Nog maar eens een paar tikken met de hamer op de startmotor…. Nee, het is zondag, dus rustdag, lijkt de Volvo te denken. Sh… 🙁
We blijven voor anker liggen en bedenken een plan. Hans pakt Dirk en tuft naar het kleine vissershaventje om eens te informeren of ze daar een monteur kennen. Jaa…. die kennen ze wel maar die is er niet. Morgen? Nee, das maandag en dan is het hier net een feestdag. Er wordt een prachtig vuurwerk beloofd. Het zal wel. Wij hebben liever vuurwerk in de motor!
De zonovergoten zondag gaat traag voorbij. We lezen wat, praten wat en eten wat. Om vijf uur start Hans uit frustratie nog maar eens de motor. BINGO!! hij doet het!! Snel halen we het anker op en varen regelrecht naar Vigo. Daar zit een Volvo dealer, goeie monteurs etc etc. Bij aankomst deelt Hans onze pech direct met de havenmeester en ook deze havenmeester beweert dat alles goed komt: morgen zijn we de eerste. Prima. Hans gaat ‘morgen’ zelf op zoek naar de Volvo dealer en bespreekt het probleem. Een dag later is de nieuwe startmotor gemonteerd en de dag daarna kunnen we weer verder trekken. Ppfff… Drie maal is scheepsrecht. Dit was de derde keer motorpech. Gek genoeg vinden we dat de motor ook ‘mooier loopt’, een tevreden geluid, zeg maar. Hans ziet dat het metertje van de oliedruk ook niet meer heen en weer springt. Gelukkig: we hebben het dus allemaal achter de rug! Op naar Islas Cies: het paradijs op aarde!

 

 

En zeker lijkt Islas Cies een stukje paradijs op aarde. De baai, het mooie strand, de prachtige wandelpaden. Geen auto’s of andere herrie makende technieken. Nee:rust!

“Ik heb nog nooit zoiets moois gezien”, zegt Hans. En ik geloof het direct! Hij kijkt, en kijkt en zuigt alle indrukken in zich op. We lopen naar de oude vuurtoren, genieten van het enorme mooie uitzicht en beseffen ons dat we hier op een eeuwenoud met varens bedekt, grondgebied lopen. Zelfs de oude verveloze deuren van een vervallen schuurtje zijn prachtig om te zien. Stil lopen we terug naar de baai, weten dat ook hier weer een afscheid in zicht is. Afscheid van dit prachtige eilandje.

 

 

 

 

 

Op naar Baiona, het laatste oude stadje aan de kust van Spanje, voordat we de wateren van Portugal bereiken. Baiona is de havenstad waar Columbus na zijn ontdekkingsreis met een van zijn drie schepen De Pinta, binnenliep.
De zee heeft een behoorlijke deining wanneer de muur van het kasteel dat op de punt van het schiereiland staat, zich aan ons toont. In het midden van de toegang tot de haven staat in de branding een lichthuisje. De golven kruipen schuimend tegen de muur omhoog. We kijken elkaar aan en onze bewondering voor de bemanning van de schepen van welleer groeit met de seconde! Om hier binnen te varen tussen al die rotspartijen die zich onder de schuimkoppen schuil houden, is pas echt zeemanschap!! Komen wij aan met onze plotter, radar, AIS, marifoon en noem maar op aan apparatuur!

 

 

 

 

We verkennen de omgeving op gehuurde fietsen en genieten van alle vergezichten die de hele kuststrook van Baiona ons biedt. Het wordt pas echt genieten wanneer we het moderne Mariabeeld beklimmen. Een adembenemend en dynamisch uitzicht. De zee golft en schuimt, de rotspartijen van de tegenoverliggende kuststrook met z’n rotsen, kleine figuurtjes die aan de voet van het Mariabeeld schuifelen. Mooi!
Tevreden en moe brengen we de fietsen terug en lopen door de oude straten. We zoeken een restaurantje uit en smullen van een waanzinnige heerlijke Pulpo. Een mengeling van inktvisjes, garnalen met nooit teveel knoflook 😀 !! Jammie!!